De voorzitter opent de zitting op 03/06/2021 om 19:55.
De raad neemt kennis van:
De jaarrekening 2020 van het OCMW moet vastgesteld worden.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 17 juli 2020 tot wijziging van diverse decreten en besluiten van de codificatie van de decreten betreffende het Vlaamse woonbeleid.
Besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale] besturen, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 7 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale (ing. MB 12 september 2018, art. 1, I: 1 januari 2020)] besturen, het laatst gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: goedkeuren.
Gunstig advies van het managementteam van 18 mei 2021.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur reikt oplossingen aan om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken, met respect voor de verschillende rechtspersonen, die erbij betrokken zijn.
Daaruit volgt dat de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) een gezamenlijke (geconsolideerde) jaarrekening opmaken, dat door beide raden wordt vastgesteld.
Op die manier kan een geïntegreerd lokaal sociaal beleid maximaal worden gerealiseerd: beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de gemeente vervlochten zijn.
De gemeente en haar OCMW vormen samen 1 rapporteringsentiteit en maken één geïntegreerde jaarrekening.
Daarin wordt de financiële toestand van die twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld.
Omdat elke afzonderlijke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in de geconsolideerd jaarrekening een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de gemeente en die van het OCMW.
Dat komt tot uiting in het schema met de realisatie van de kredieten (schema J3), waarin de kredieten voor de gemeente en het OCMW apart worden opgenomen.
De gemeentelijke bijdrage voor het OCMW is niet meer opgenomen in het meerjarenplan. De gemeente moet wel zorgen dat het OCMW haar financiële verplichtingen kan nakomen.
Dit heeft als gevolg dat de tussenkomst van de gemeente in het kader van het thesauriebeheer van het OCMW niet gebudgetteerd wordt, maar wel jaarlijks geboekt wordt in de resultaatverwerking bij de jaarrekening.
De gemeente verleent een tussenkomst in het boekhoudkundig tekort van basis van het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW.
De jaarrekening wordt vastgesteld voor 30 juni van het boekjaar volgend op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft.
Die besluitvorming kan het best als volgt verlopen:
Het ontwerp van geconsolideerde jaarrekening bevat volgende documenten:
Toelichting van de heer De Marez, schepen, en de heer Masschaele, financieel directeur.
niet van toepassing
Artikel 1
De jaarrekening voor het boekjaar 2020 van het deel van het OCMW wordt samen met de verplichte bijlagen vastgesteld.
De financiële toestand van de jaarrekening voor het boekjaar 2020 van het deel van het OCMW is als volgt:
Het budgettaire resultaat boekjaar van het deel van het OCMW bedraagt -166 419 euro.
Het gecumuleerde budgettaire resultaat van het vorig boekjaar van het deel van het OCMW bedraagt 856 125 euro.
Het gecumuleerde budgettaire resultaat van het deel van het OCMW bedraagt 689 705 euro.
Er zijn geen onbeschikbare reserves bij het deel van het OCMW.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het deel van het OCMW bedraagt 689 705 euro.
De autofinancieringsmarge van het deel van het OCMW bedraagt -84 212 euro.
De gecorrigeerde autofinancieringsmarge van het deel van het OCMW bedraagt -365 262 euro
Artikel 2
De financiële toestand van de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar 2020 is als volgt:
Het geconsolideerd budgettaire resultaat boekjaar bedraagt 530 928 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerde budgettaire resultaat van het vorig boekjaar bedraagt 9 652 740 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerde budgettaire resultaat bedraagt 10 183 667 euro.
Er zijn geen onbeschikbare reserves.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat bedraagt 10 183 667 euro.
De geconsolideerd autofinancieringsmarge bedraagt 2 349 841 euro.
De geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge bedraagt 2 097 455 euro.
Artikel 3
De geconsolideerde balans voor het boekjaar 2020 wordt vastgesteld.
Het geconsolideerde balanstotaal bedraagt 57 182 572 euro.
Artikel 4
De geconsolideerde staat van opbrengsten en kosten voor het boekjaar 2020 wordt vastgesteld.
Het operationeel overschot bedraagt 324 997 euro.
Het financieel overschot bedraagt 361 152 euro.
Het overschot van het boekjaar bedraagt 686 149 euro.
Artikel 5
De gemeente verleent een tussenkomst in het boekhoudkundig tekort van basis van het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW, voor 2020 betekent dit: 166 419 euro.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt het deel van de meerjarenplanaanpassing 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021(BP2020_2025_3) van het OCMW vast.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 17 juli 2020 tot wijziging van diverse decreten en besluiten van de codificatie van de decreten betreffende het Vlaamse woonbeleid.
Besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale] besturen, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 7 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale (ing. MB 12 september 2018, art. 1, I: 1 januari 2020)] besturen, het laatst gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Omzendbrief KBBJ/ABB-2020/3 van 18 september 2020 over de aanpassing van de meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: goedkeuren.
Gunstig advies van het managementteam van 18 mei 2021.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur reikt oplossingen aan om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken, met respect voor de verschillende rechtspersonen, die erbij betrokken zijn.
Daaruit volgt dat de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) een gezamenlijk meerjarenplan opstellen, dat door beide raden wordt vastgesteld.
Op die manier kan een geïntegreerd lokaal sociaal beleid maximaal worden gerealiseerd: beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de gemeente vervlochten zijn.
Omdat de gemeente en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan maken, wordt het financiële evenwicht voor die twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld.
Omdat elke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de gemeente en die van het OCMW.
Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (schema M3), waarin de kredieten voor de gemeente en het OCMW apart worden opgenomen.
Minstens een keer per jaar wordt het meerjarenplan aangepast, waarbij in elk geval de kredieten voor het volgende boekjaar worden vastgesteld.
Als dat nodig is, kunnen daarbij ook de kredieten voor het lopende boekjaar worden aangepast.
Daarnaast kan het meerjarenplan, als dat nodig is, ook worden aangepast om alleen de kredieten voor het lopende boekjaar aan te passen.
Bij elke aanpassing van het meerjarenplan wordt het resultaat van de intussen vastgestelde jaarrekeningen verwerkt.
De goedkeuring van de gemeenteraad is nodig omdat de gemeente de financiële gevolgen moet dragen van de keuzes, die de raad voor maatschappelijk welzijn maakt.
Die besluitvorming kan het best als volgt verlopen:
• de raad voor maatschappelijk welzijn stelt eerst zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad stelt vervolgens zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad keurt ten slotte het deel goed dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld.
Het ontwerp van aanpassing meerjarenplan bevat volgende documenten:
niet van toepassing
Artikel 1
De meerjarenplanaanpassing 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW, bestaande uit de strategische nota, het financieel doelstellingenplan (M1), de staat van het financieel evenwicht (M2), de staat van het financieel evenwicht: wijzigingsvariant (M2W) en het overzicht van de kredieten (M3) wordt vastgesteld.
Artikel 2
Het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW in 2025 bedraagt: - 1 316 168,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van het OCMW in 2025 bedraagt: - 4 914 849,00 euro en het gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt: - 6 231 017,00 euro.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het OCMW in 2025 bedraagt -6 231 017,00 euro
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
De autofinancieringsmarge boekjaar van het OCMW in 2025 bedraagt: - 1 253 418,00 euro en de gecorrigeerde autofinancieringsmarge bedraagt in 2025: - 1 436 455,00 euro.
Artikel 3
Het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW in 2021 bedraagt: - 1 487 179,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van het OCMW in 2021 bedraagt: 689 705,00 euro en het gecumuleerd budgettair resultaat 2021 bedraagt: -797 474,00 euro.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het OCMW in 2021 bedraagt -797 474,00 euro
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
De autofinancieringsmarge boekjaar van het OCMW in 2021 bedraagt: - 1 028 013,00 euro en de gecorrigeerde autofinancieringsmarge bedraagt in 2021: - 1 284 492,00 euro.
De kredieten van het OCMW voor het boekjaar 2021 (M3) worden vastgesteld.
| Soort krediet |
Totaal bedrag voor 2021 |
| Totaal exploitatie-uitgaven |
6 398 661,00 |
| Totaal exploitatie-ontvangsten |
5 591 801,00 |
| Totaal investerings-uitgaven |
459 166,00 |
| Totaal investerings-ontvangsten |
0,00 |
| Totaal financierings-uitgaven |
221 153,00 |
| Totaal financierings-ontvangsten |
0,00 |
Artikel 4
Het geconsolideerd budgettair resultaat van het boekjaar in 2025 bedraagt: -66 043,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar in 2025 bedraagt: 5 071 030,00 euro en het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt: 5 040 986 euro.
Er zijn geconsolideerd geen onbeschikbare gelden.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat in 2025 bedraagt: 5 004 986,00 euro.
De geconsolideerde autofinancieringsmarge boekjaar in 2025 bedraagt: 47 001,00 euro en de geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge in 2025 bedraagt: -59 345,00 euro.
Besluiten betreffende de toekennings- en gebruiksvoorwaarden van de dienstverlening worden opgesplitst en geactualiseerd.
Tarieven vaststellen is een gedelegeerde bevoegdheid van het vast bureau.
Organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, het laatst gewijzigd bij decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 17 juli 2020 tot wijziging van diverse decreten en besluiten van de Vlaamse Regering naar aanleiding van de codificatie van de decreten betreffende het Vlaamse woonbeleid.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 februari 2019 betreffende sociale dienstverlening: transitwoningen: doorgangswoning: voorwaarden vaststellen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 november 2020 betreffende reglement tot delegatie van bevoegdheden aan het vast bureau: (her-)vaststellen.
Bestaande reglementen betreffende de dienstverlening van het OCMW worden opgesplitst in
Artikel 3 van het reglement tot delegatie van bevoegdheden aan het vast bureau bepaalt dat het vast bureau bevoegd is voor het vaststellen van de tarieven van de dienstverlening en het bepalen van de wijze van inning van deze tarieven.
Het reglement voor de doorgangswoning wordt ingevolge deze bevoegdheidsverdeling vastgesteld en geactualiseerd.
Toelichting van de heer Goemaere, schepen.
De uitgaven zijn voorzien in het exploitatiebudget 2021:
De inkomsten zijn voorzien in het exploitatiebudget 2021:
De nodige kredieten voor de volgende jaren zijn voorzien in het meerjarenplan 2020-2024 van het OCMW.
Artikel 1
Het reglement voor de doorgangswoning wordt als volgt vastgesteld:
Artikel 1
Het OCMW beschikt over één volledig ingerichte doorgangswoning (Markt 17), waarin onder de hiernavermelde dringende omstandigheden huisvesting kan aangeboden worden.
Artikel 2
De doorgangswoning is bedoeld voor personen die zich op het grondgebied van de gemeente bevinden of ingeschreven zijn in het bevolkings- of vreemdelingenregister van Oostrozebeke én;
Als bewijzen worden aanvaard:
° de inschrijving bij een sociale huisvestingsmaatschappij;
° de inschrijving bij het sociaal verhuurkantoor;
° bewijzen van contacten met immobiliënkantoren, verhuurder(s)/woondienst, …
De doorgangswoning wordt niet toegewezen:
Artikel 3
De tarieven worden vastgesteld door het vast bureau:
Artikel 4
De dienstverlening moet aangevraagd worden bij de sociale dienst van het OCMW, Ernest Brengierstraat 6 te 8780 Oostrozebeke, telefonisch op het nummer 056/67 11 50 of per e-mail gericht aan sociaalhuis@oostrozebeke.be.
Artikel 5
De sociale dienst voert een sociaal onderzoek uit. Het bijzonder comité voor de sociale dienst of, in dringende gevallen, tot het einde van de maand volgend op de eerstvolgende bijeenkomst van het bijzonder comité, de voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst, neemt een individueel besluit tot toewijzing.
Artikel 2
Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 februari 2019 betreffende sociale dienstverlening: transitwoningen: doorgangswoning: voorwaarden vaststellen, wordt opgeheven
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking vanaf 1 juli 2021.
Besluiten betreffende de toekennings- en gebruiksvoorwaarden van de dienstverlening worden opgesplitst en geactualiseerd.
Tarieven vaststellen is een gedelegeerde bevoegdheid van het vast bureau.
Organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, het laatst gewijzigd bij decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 17 juli 2020 tot wijziging van diverse decreten en besluiten van de Vlaamse Regering naar aanleiding van de codificatie van de decreten betreffende het Vlaamse woonbeleid.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 februari 2019 betreffende sociale dienstverlening: transitwoningen: crisiswoning: voorwaarden vaststellen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 november 2020 betreffende reglement tot delegatie van bevoegdheden aan het vast bureau: (her-)vaststellen.
Bestaande reglementen betreffende de dienstverlening van het OCMW worden opgesplitst in
Artikel 3 van het reglement tot delegatie van bevoegdheden aan het vast bureau bepaalt dat het vast bureau bevoegd is voor het vaststellen van de tarieven van de dienstverlening en het bepalen van de wijze van inning van deze tarieven.
Het reglement voor de crisiswoning wordt ingevolge deze bevoegdheidsverdeling vastgesteld en geactualiseerd.
Toelichting van de heer Goemaere, schepen.
De uitgaven zijn voorzien in het exploitatiebudget 2021:
De inkomsten zijn voorzien in het exploitatiebudget 2021:
De nodige kredieten voor de volgende jaren zijn voorzien in het meerjarenplan 2020-2024 van het OCMW.
Artikel 1
Het reglement voor de crisiswoning wordt als volgt vastgesteld:
Artikel 1
Het OCMW beschikt over één volledig ingerichte crisiswoning (Tieltsteenweg 27), waarin bij acute noodsituaties huisvesting kan aangeboden worden.
Artikel 2
De crisiswoning is bedoeld voor:
° omdat hun woning onbewoonbaar is verklaard;
° omwille van ongeschiktheid van hun woning met het bevel tot verlaten van de woning;
° omwille van een ramp zoals brand of overstroming;
° omwille van intrafamiliaal geweld.
In uitzonderlijke gevallen, in geval van brand of overstroming, kan deze woning aangeboden worden aan personen uit Izegem of Ledegem wanneer er in deze gemeenten geen crisiswoning meer ter beschikking is.
Artikel 3
De tarieven worden vastgesteld door het vast bureau:
Artikel 4
De dienstverlening moet aangevraagd worden bij de sociale dienst van het OCMW, Ernest Brengierstraat 6 te 8780 Oostrozebeke, telefonisch op het nummer 056/67 11 50 of per e-mail gericht aan sociaalhuis@oostrozebeke.be.
Artikel 5
De sociale dienst voert een sociaal onderzoek uit.
Het bijzonder comité voor de sociale dienst of, in dringende gevallen, tot het einde van de maand volgend op de eerstvolgende bijeenkomst van het bijzonder comité, de voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst, neemt een individueel besluit tot toewijzing.
Artikel 2
Het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 februari 2019 betreffende transitwoningen: crisiswoning: voorwaarden vaststellen, wordt opgeheven.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking vanaf 1 juli 2021.
De e-mail van raadslid Marleen Lefebre van 31 mei 2021 namens de fractie INSPRAAK.nu.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 17 juli 2020 tot wijziging van diverse decreten en besluiten van de codificatie van de decreten betreffende het Vlaamse woonbeleid.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 maart 2019 betreffende huishoudelijk reglement van de OCMW-raad, het laatst gewijzigd bij besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 4 maart 2021, inzonderheid artikel 12.
De vraag van de heer Behaeghe, raadslid.
Het antwoord van mevrouw Geldhof, 1ste schepen.
niet van toepassing
Er wordt geen besluit genomen.
De voorzitter sluit de zitting op 03/06/2021 om 21:40.
Namens raad voor maatschappelijk welzijn,
Carl Vereecke
algemeen directeur
Anne-Sophie Verschoore
raadslid-voorzitter