De voorzitter opent de zitting op 02/02/2023 om 20:32.
De raad neemt kennis van:
E-mailbericht van 2 januari 2023 van schepen Verschoore namens de fractie Oostrozebeke.nu.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 18 november 2022 tot wijziging van het Provinciedecreet van 9 december 2005, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft klokkenluiders.
Besluit van 7 februari 2019 van de gemeenteraad van Oostrozebeke betreffende kennisname afgevaardigden van de gemeentelijke adviesraden.
Naar aanleiding van de gemeenteraadsverkiezingen op 14 oktober 2018 werd op 3 januari 2019 de nieuwe gemeenteraad geïnstalleerd.
Het bestuur van de gemeente Oostrozebeke moest nieuwe vertegenwoordigers aanduiden voor de algemene vergaderingen van de gemeentelijke adviesraden.
Bij e-mailbericht van schepen Verschoore werd medegedeeld dat zij ontslag wenst te nemen uit onder meer de bibliotheekraad en uit de gemeentelijke adviesraad voor veilig verkeer.
Oostrozebeke.nu stelt volgende personen voor om af te vaardigen in de algemene vergaderingen van de:
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
De raad neemt kennis van de wijziging van afgevaardigden in de algemene vergaderingen van de bibliotheekraad en van de gemeentelijke adviesraad voor veilig verkeer voor de rest van de legislatuur 2019-2024.
Oostrozebeke.nu stelt volgende personen voor om voortaan af te vaardigen in de algemene vergaderingen van de:
E-mailbericht van 2 januari 2023 van mevrouw Verschoore, schepen, waarbij zij ontslag neemt als effectief raadslid van de politieraad van de meergemeentenpolitiezone Midow per 1 februari 2023 en e-mailbericht van mevrouw Vanluchene, raadslid, waarbij zij bevestigt afstand te doen van haar mandaat als opvolgend effectief raadslid van de politieraad van de meergemeentenpolitiezone Midow.
Het is wettelijk bepaald dat een opvolgend raadslid aangesteld moet worden op de eerstvolgende nuttige openbare zitting van de gemeenteraad ingevolge het ontslag van een raadslid van de politieraad en bij ontstentenis van opvolgers.
Wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, het laatst gewijzigd bij wet van van 31 juli 2020 tot regeling van de verwerking van operationele politionele informatie van het administratief en logistiek kader van de geïntegreerde politie.
Koninklijk besluit van 20 december 2000 betreffende de verkiezing in elke gemeenteraad van de leden van de politieraad, het laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 november 2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 20 december 2000 betreffende de verkiezing in elke gemeenteraad van de leden van de politieraad.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 18 november 2022 tot wijziging van het Provinciedecreet van 9 december 2005, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft klokkenluiders.
Ministeriële omzendbrief van 13 november 2018 betreffende de verkiezing en de installatie van de politieraadsleden van een meergemeentepolitiezone.
Besluit van de gemeenteraad van 3 januari 2019 betreffende onderzoek van de geloofsbrieven van de gemeenteraadsleden en eedaflegging.
Besluit van de gemeenteraad van 3 januari 2019 betreffende onderzoek van de geloofsbrieven van een opvolgend gemeenteraadslid ingevolge afstand en eedaflegging opvolger.
Besluit van de gemeenteraad van 3 januari 2019 betreffende de verkiezing van de leden van de politieraad.
De politieraad van de meergemeentenpolitiezone Midow is samengesteld uit 17 verkozen leden.
De gemeenteraad van 3 januari 2019 heeft aangaande de voordracht van raadsleden en opvolgers voor de meergemeentenpolitiezone Midow volgende beslissingen genomen:
Ingevolge het ontslag van mevrouw Verschoore als raadslid en de afstand van mandaat van mevrouw Vanluchene als opvolgend raadslid van de meergemeentenpolitiezone Midow moet er op de eerstvolgende nuttige zitting van de gemeenteraad een opvolgend raadslid worden aangesteld.
Er werd 1 voordrachtakte voor 1 voorgedragen effectieve kandidaat overhandigd aan de heer Derudder, burgemeester.
De hierna vermelde kandidaat wordt voordragen:
Artikel 19 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, het laatst gewijzigd bij wet van van 31 juli 2020 tot regeling van de verwerking van operationele politionele informatie van het administratief en logistiek kader van de geïntegreerde politie, bepaalt in voorkomend geval het volgende:
"Wanneer een effectief lid vóór het verstrijken van zijn mandaat ophoudt deel uit te maken van de politieraad en hij geen opvolger of opvolgers heeft, kunnen alle nog in functie zijnde gemeenteraadsleden die de voordracht van het te vervangen lid hadden ondertekend, gezamenlijk een kandidaat effectief lid en één of meer kandidaat-opvolgers voordragen. In dit geval worden deze kandidaten verkozen verklaard, de kandidaatopvolgers in orde van hun voordracht. Is zulks niet het geval, dan wordt in de vervanging voorzien bij een geheime stemming waarbij elk gemeenteraadslid over één stem beschikt en de kandidaat die de meeste stemmen behaalde verkozen wordt verklaard Bij staking van stemmen is artikel 17 van toepassing."
Op 13 januari 2023 heeft de burgemeester en de algemeen directeur vastgesteld dat alle nog in functie zijnde gemeenteraadsleden, die de voordracht van het te vervangen lid hadden ondertekend, gezamenlijk een kandidaat effectief lid voorgedragen hebben, met name de heer Dirk De Keyzer, raadslid.
In de gegeven omstandigheden wordt de voorgedragen kandidaat voor het in te vullen mandaat van politieraadslid verkozen verklaard en de raad draagt derhalve de heer De Keyzer voor als raadslid in de politieraad van de meergemeentenpolitiezone Midow.
Toelichting door de heer Derudder, burgemeester.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Artikel 1
De raad neemt akte van het ontslag van een effectief raadslid van de politieraad door mevrouw Verschoore, schepen, met ingang van 1 februari 2023.
Artikel 2
De raad neemt akte van de afstand van het mandaat als opvolgend effectief raadslid in de politieraad door mevrouw Vanluchene, raadslid, met ingang van 1 februari 2023.
Artikel 3
De raad stelt vast dat de voorgedragen kandidaat voor het in te vullen mandaat van politieraadslid verkozen kan worden verklaard en de raad draagt derhalve de heer De Keyzer voor als raadslid in de politieraad van de meergemeentenpolitiezone Midow.
Door de stijgende energieprijzen dient het belastingreglement te worden aangepast.
Het invoeren van een nieuwe passende belasting voor ambulante activiteiten op de openbare markten is wenselijk.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij decreet van 25 februari 2022 tot wijziging van het decreet van 2 maart 1999 houdende het beleid en het beheer van de zeehavens, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteindienst.
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, het laatst gewijzigd bij decreet van 20 december 2019 betreffende programmadecreet bij de begroting 2020.
De omzendbrief BB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de coördinatie van de onderrichtingen over de gemeentelijke fiscaliteit.
Besluit van de gemeenteraad van 5 maart 2020 betreffende belastingreglement betreffende ambulante activiteiten op de openbare markten: wijzigen.
De financiële toestand van de gemeente vergt de invoering van alle rendabele belastingen.
Er wordt gekozen om de belasting voor een legislatuur (maximum zes jaar) vast te leggen.
Bij de jaarlijkse opmaak van het meerjarenplan is een herziening (verhoging of verlaging) van het tarief mogelijk.
Toelichting door mevrouw Verschoore, schepen.
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2020-2025, actie 111, budgetrekening 0020-00/7360000.
niet van toepassing
De heer Verhulst, raadslid.
Artikel 1
Er wordt voor een termijn aanvangend op 1 maart 2023 tot en met 31 december 2025 ten behoeve van de gemeente een belasting geheven op de ambulante activiteiten op de openbare markten.
Artikel 2
De belasting bedraagt 0,80 euro per lopende meter en per dag voor een abonnement.
Artikel 3
De belasting bedraagt 1,75 euro per lopende meter en per dag voor de losse plaatsen met een minimum van 10,00 euro per dag.
Artikel 3 bis
Voor de personen, die een standplaats innemen op de openbare weg, op een openbare parking of op privaat domein buiten de wekelijkse marktdag bedraagt de belasting 12,50 euro per dag ongeacht de ingenomen oppervlakte en de duurtijd van de opstelling.
Artikel 4
De standplaatsen, die occasioneel toegewezen, worden aan de verantwoordelijken van verkoopacties zonder commercieel karakter hiervoor toegelaten in overeenstemming met artikel 7 van voornoemd koninklijk besluit van 24 september 2006 worden vrijgesteld van deze belasting.
Artikel 5
De belasting wordt contant geïnd tegen afgifte van een betalingsbewijs. De belasting is onmiddellijk eisbaar.
Bij gebrek van betaling wordt deze belasting ingekohierd en wordt een kohierbelasting.
Artikel 6
De belastingschuldige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaar moet schriftelijk bij het college van burgemeester en schepenen of via e-mail op het e-mailadres belastingen@oostrozebeke.be worden ingediend, ondertekend zijn en worden gemotiveerd.
De indiening van het bezwaar moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden vanaf de datum van de contante inning.
Het wordt gedagtekend en ondertekend door de eiser of zijn of haar vertegenwoordiger en vermeldt:
De belastingschuldige of zijn of haar vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden moet dit uitdrukkelijk vermelden in zijn of haar bezwaar.
Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding verzonden, binnen de vijftien kalenderdagen na de indiening ervan naar enerzijds de belastingschuldige en, in voorkomend geval, zijn of haar vertegenwoordiger en anderzijds de financieel directeur.
Artikel 7
De belasting wordt ingevorderd met toepassing van de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, het laatst gewijzigd bij decreet van 20 december 2019.
Artikel 8
Dit besluit treedt in werking op 1 maart 2023.
De huurovereenkomsten voor de garages aan Ettingen te Oostrozebeke is de huurprijs sinds jaren niet meer aangepast en is er ook geen indexatieclausule opgenomen.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 18 november 2022 tot wijziging van het Provinciedecreet van 9 december 2005, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft klokkenluiders.
Besluit van de gemeenteraad van 7 oktober 2021 betreffende reglement tot delegatie van bevoegdheden aan het college van burgemeester en schepenen: (her-)vaststellen.
Het gemeentebestuur wenst de huidige bedragen van de garages te verhogen en te indexeren.
Tot op heden bedragen de huurprijzen 40 euro en worden deze niet geïndexeerd.
Deze willen we verhogen naar 60 euro en jaarlijks indexeren.
De huidige huurcontracten worden opgezegd met inachtname van een opzeggingstermijn van 3 maanden met ingang van 1 februari 2023.
De nieuwe huurcontracten (voorstel in bijlage) worden bezorgd aan de huurders te ondertekening, startend vanaf 1 april 2023.
Toelichting door de heer De Marez, schepen.
De ontvangst is voorzien in het exploitatiebudget 2023, actie 321, budgetrekening 0050-00/7050100/500.
niet van toepassing
niet van toepassing
Artikel 1:
De gemeenteraad keurt de nieuwe huurovereenkomst goed:
Tussen:
De gemeente Oostrozebeke,
met kantoren te 8780 Oostrozebeke, Ernest Brengierstraat, 6,
KBO-nummer: 0207.436.676
vertegenwoordigd door de heer Luc Derudder, burgemeester, en de heer Carl Vereecke, algemeen directeur,
hierna de verhuurder genoemd;
en
*,
met zetel te/wonende te *
KBO-nummer: *
Vertegenwoordigd door mevrouw/de heer …., …
Hierna de huurder genoemd;
wordt overeengekomen dat:
Voorwerp van de overeenkomst
1.
De verhuurder verhuurt een garagebox gelegen te 8780 Oostrozebeke, Ettingen, * aan de huurder, die de voorwaarden aanvaardt die opgenomen zijn in deze huurovereenkomst.
Gebruik van de infrastructuur
2.
De partijen zijn overeengekomen dat het verhuurde goed [Kies - Privé- of Beroepsdoeleinden]
3.
Het is de huurder verboden: (Deze lijst is illustratief – Voeg zelf items toe)
4.
De verhuurder verbindt er zich toe: (Deze lijst is illustratief – Voeg zelf items toe)
5.
De huurder blijft te allen tijde verantwoordelijk voor zijn voertuig en alle toebehoren en/of bezittingen die in het voertuig aanwezig zijn.
De huurder is aansprakelijk voor alle schade die door hem is veroorzaakt. Schade door de huurder veroorzaakt aan de parking, het gebouw, de infrastructuur of aan derden dient door hem dan ook te worden vergoed. Hiertoe dient de huurder minstens een brandverzekering af te sluiten.
Beide partijen verbinden er zich toe de nodige wettelijk vastgelegde verzekeringen af te sluiten.
6.
De verhuurder is niet aansprakelijk voor gebeurlijke ongevallen, beschadigingen en/of diefstal van eigendommen van de huurder en/of van derden.
7.
De huurder mag de garagebox enkel voor eigen gebruik aanwenden en mag deze onder geen enkel beding onderverhuren of het gebruik door een derde toestaan.
Duur van de overeenkomst
8.
Deze huurovereenkomst gaat in op 1/04/2023 - voor onbepaalde duur.
Beide partijen kunnen de overeenkomst op ieder ogenblik beëindigen, mits eerbiediging van een opzeggingstermijn van één volledige maand.
De huurovereenkomst kan slechts rechtsgeldig opgezegd worden middels een Aangetekende brief die dient overgemaakt te worden aan gemeente Oostrozebeke, gemeentehuis, met kantoren te 8780 Oostrozebeke, Ernest Brengierstraat, 6.
Modaliteiten van de overeenkomst
9.
De basishuurprijs bedraagt € [Vul in - huurprijs in Euro] per maand, vooraf betaalbaar, de 5de dag van de maand, en voor de eerste maal bij de ondertekening van deze overeenkomst. De huurder moet de huur storten op rekeningnummer BE 33 091000244246 met als mededeling huur garage Ettingen, *.
Tenzij de wet iets anders bepaalt, mag de huurprijs eenmaal per jaar worden aangepast, ten vroegste op de verjaardag van de huurovereenkomst, op basis van de evolutie van de index van de consumptieprijzen (meer bepaald de gezondheidsindex). Daarbij moet deze formule worden toegepast:
| basishuurprijs x nieuw indexcijfer |
|
| _____________________________________________________ |
= nieuwe huurprijs |
| aanvangsindexcijfer |
|
De verjaardag van de huurovereenkomst is de verjaardag van de inwerkingtreding.
Het aanvangsindexcijfer is dat van de maand die voorafgaat aan de maand waarin de overeenkomst werd gesloten. Het nieuwe indexcijfer is dat van de maand die voorafgaat aan die van de verjaardag van de inwerkingtreding van de huurovereenkomst.
10.
De verhuurder verklaart dat de verhuring niet aan de belasting op toegevoegde waarde onderworpen is.
11.
De huurder draagt de individuele kosten van eventueel water-, gas- en elektriciteitsverbruik.
Opgemaakt in 3 exemplaren, waarvan één exemplaar aan de verhuurder wordt terugbezorgd na registratie, te Oostrozebeke,
|
De huurder |
de verhuurder, |
|
|
|
Voor de gemeente, |
|
|
|
C. VEREECKE |
L. DERUDDER |
|
|
Algemeen directeur |
Burgemeester |
Artikel 2
Het college van burgemeester en schepenen krijgt de opdracht om het afsluiten van de nieuwe huurovereenkomsten verder op te volgen.
Bepaling in het lokaal energie- en klimaatpact betreffende ‘opvolgmoment’ in de subsidiemodule, met indiendeadline 1 maart 2023.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 18 november 2022 tot wijziging van het Provinciedecreet van 9 december 2005, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft klokkenluiders.
Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van de bestuurshandelingen.
Bestuursdecreet van 7 december 2018, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse Regering van 18 november 2022 tot wijziging van het Provinciedecreet van 9 december 2005, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft klokkenluiders.
Besluit van de Vlaamse regering van 19 november 2010 houdende algemene bepalingen over het energiebeleid [citeeropschrift "het Energiebesluit van 19 november 2010"], het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 19 oktober 2022 tot wijziging van het Energiebesluit van 19 november 2010, wat betreft maatregelen naar aanleiding van de energiecrisis.
Goedkeuring van het Vlaams energie- en klimaatplan 2021-2030 van 9 december 2019.
Regeerakkoord van de Vlaamse regering van 2019-2024.
Besluit van de gemeenteraad van 3 november 2016 betreffende burgemeestersconvenant: goedkeuring duurzaam energieactieplan (SEAP) voor de groep 'Klimaatoverleg Midwest'.
Besluit van de gemeenteraad van 7 februari 2019 betreffende ondertekening burgemeestersconvenant 2030 (CoM 2030).
Besluit van de gemeenteraad van 6 februari 2020 betreffende burgemeestersconvenant: goedkeuring van het gezamenlijk duurzaam energie- en klimaatactieplan (SECAP optie 2) voor de groep Klimaatoverleg Midwest.
Besluit van de gemeenteraad van 2 september 2021 betreffende ondertekening lokaal energie- en klimaatpact: goedkeuren.
Oostrozebeke ondertekende in september 2021 het 'Lokaal Energie- en Klimaatpact' (LEKP). Betreft het LEKP 1.0.
In essentie biedt het pact financiële middelen voor het uitvoeren van acties rond vier werven:
De doelstellingen zijn bepaald voor Vlaanderen.
Tegen 2030 wordt ernaar gestreefd om samen (over heel Vlaanderen) de heel concreet gestelde doelen over de werven op niveau Vlaanderen te halen.
Het gaat daarbij om een inspanningsverbintenis.
Naast het collectief werken aan de doelen binnen de werven, zijn er ook een aantal individuele verplichtingen per gemeente:
De Vlaamse overheid engageert zich om:
Vlaanderen biedt financiële middelen per gemeente. Het principe van 'een euro voor een euro' wordt gehanteerd (trekkingsrecht met 50 % cofinanciering). Het geld kan besteed worden aan investeringen, maar bijvoorbeeld ook via personeelsinzet. Aangiftes gebeuren via een code in BBC.
Voor uitgaven in 2021 werd voor Oostrozebeke een budget van 26 656,91 euro voorzien. Deze som werd in april 2022 gestort. Voor uitgaven in 2022 wordt een budget van 26.902,78 euro voorzien. Deze som zal in de loop van de eerste helft van 2023 gestort worden.
Voor de uitgevoerde werken in werkjaren 2021 en 2022 is tegen 1 maart 2023 een 'opvolgmoment' voorzien, bestaande uit een besluit van de gemeenteraad waarin alle uitgevoerde werken worden opgelijst. Hieronder een overzicht per werf en binnen de individuele verplichtingen:
Toelichting door mevrouw Geldhof, 1ste schepen.
De inkomsten zijn voorzien in meerjarenplan 6 2020 - 2025, op het investeringskrediet van 2023, actie 1437, budgetrekening 0350-00/1500000/300 en op het exploitatiekrediet van 2023, actie 1437, budgetrekening 0350-00/7405003/300.
niet van toepassing
Mevrouw Lefebre, raadslid.
De heer De Marez, schepen.
De gemeenteraad keurt de rapportage ('opvolgmoment') voor het Lokaal Energie- en Klimaatpact goed.
E-mail van 23 december 2022 van Nathalie Garré (WVI) betreffende klimaatoverleg 1 dec 2022: documentatie en terugkoppeling.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij decreet van 18 november 2022 tot wijziging van het Provinciedecreet van 9 december 2005, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft klokkenluiders.
Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van de bestuurshandelingen.
Decreet bestuursdecreet van 7 december 2018, het laatst gewijzigd bij decreet van 16 december 2022 betreffende programmadecreet bij de begroting 2023.
Besluit van de gemeenteraad van 3 november 2016 betreffende burgemeestersconvenant: goedkeuring duurzaam energieactieplan (SEAP) voor de groep 'Klimaatoverleg Midwest'.
Besluit van de gemeenteraad van 7 februari 2019 betreffende ondertekening burgemeestersconvenant 2030 (CoM 2030).
Op 7 februari 2019 ondertekende de gemeente het toetredingsformulier burgemeestersconvenant 2030.
Besluit van de gemeenteraad van 6 februari 2020 betreffende burgemeestersconvenant: goedkeuring van het gezamelijk duurzaam energie- en klimaatactieplan (SECAP optie 2) voor de groep Klimaatoverleg Midwest.
In de gemeenteraad van 7 februari 2019 werd beslist om over te gaan tot ondertekening van het Burgemeestersconvenant 2030.
Door de ondertekening van het Burgemeestersconvenant 2030 engageert de gemeente zich samen met Ingelmunster, Lichtervelde, Meulebeke, Ruiselede, Tielt, Wingene en Moorslede binnen de groep Klimaatgroep Midwest om tegen 2030 een gezamenlijke CO2-reductie van minstens 40 % te realiseren door in te zetten op energie-efficiëntie en gebruik van duurzame energiebronnen en haar veerkracht te verhogen door zich aan te passen aan de gevolgen van klimaatverandering.
In navolging van deze ondertekening keurde de gemeenteraad op 6 februari 2020 het energie- en klimaatactieplan (SECAP) goed. In dit SECAP wordt aangegeven voor mitigatie welke reductiedoelstelling de gemeenten binnen de groep Klimaatgroep Midwest gezamenlijk tegen 2030 nastreven, wat het referentiejaar is, welke sectoren betrokken zijn en welke acties hiervoor nodig zijn. Voor adaptatie wordt aangegeven welke klimaateffecten te verwachten zijn en welke adaptatiestrategieën worden opgezet. Om tot dit SECAP te komen, stelde WVI een participatietraject voor de vijf pijlers van stakeholders uit PentaHelix (overheden, bedrijfswereld, kennisinstellingen, NGO's en burgers) op en voerde dit uit.
Binnen 'klimaatgroep Midwest' werd voor landbouw een CO2-reductie van 33.827 ton CO2 vooropgesteld. Dit is een reductie binnen de sector van 47 % t.o.v. het referentiejaar 2011 (72 304 ton CO2). Ten opzichte van de totale hoeveelheid CO2-uitstoot in het jaar 2011 (546 811 ton CO2) betekent dit een reductie van 6 %.
Voor industrie daartegenover werd een reductie van 9.609 ton CO2 vooropgesteld. Dit is een reductie binnen de sector van 6 % t.o.v. het referentiejaar 2011 (168 496 ton CO2). Ten opzichte van de totale hoeveelheid CO2-uitstoot in het jaar 2011 (546 811 ton CO2) betekent dit een reductie van 2 %.
Het grote verschil in reductiedoelstelling tussen de landbouwsector (47 %) en de industriesector (6 %) werd opmerkelijk bevonden vanuit de landbouwsector.
Daarom werd door WVI, samen met verschillende stakeholders naar verduidelijking en antwoorden gezocht op vragen die er waren omtrent het cijfermateriaal. Het traject dat werd afgelegd wordt beschreven in het addendum in bijlage. Dit addendum zal na goedkeuring door de 'klimaatgroep midwest' bij het SECAP worden gevoegd.
Voor het berekenen van de CO2-reducties werd gebruik gemaakt van de ‘Maatregelentool emissiereductie’ opgesteld door VITO in opdracht van het Departement Omgeving (testversie zomer 2019). Deze tool werd, waar mogelijk, aangevuld met cijfers uit de literatuur.
Door de samenwerking met Boerenbond en het Innovatiesteunpunt voor het optimaliseren van de reductiemaatregelen, kwamen vanuit Boerenbond een aantal vragen rond de inventaris (gebruikt voor de nulmeting) en de maatregelentool naar boven. Via Departement omgeving werden deze vragen voorgelegd aan VITO.
Naar aanleiding van deze vragen en voor het bekijken van de verdere berekeningsmogelijkheden, ging bij Boerenbond Roeselare op 29 januari 2020 een overleg door tussen Boerenbond en WVI. De input van deze vergadering werd gebruikt als voorbereiding van de workshop landbouw die doorging op 25 maart 2021 (uitgesteld o.w.v. Covid-19). Er werd bekeken welke data vrij beschikbaar was om de berekeningen te kunnen verbeteren.
Finaal namen volgende stakeholders deel aan de workshop: Boerenbond, Innovatiesteunpunt, Departement Landbouw en Visserij, Wingene, Tielt en Ingelmunster. Het grote uitgangspunt van de workshop was een antwoord te vinden op de vraag: “Hoe gaan naar een betere berekening van de mogelijke CO2-reductie binnen de landbouwsector?”.
Volgende oplossing wordt voorgesteld in voorliggend addendum:
Het gelopen traject en de uitgevoerde literatuurstudie tonen aan dat de berekeningen voor het bepalen van de CO2-reductie niet gemeentespecifiek kunnen worden verfijnd door het ontbreken van de nodige data.
Bovendien is de sector landbouw door de gemeenten moeilijk te bereiken en zijn de acties zeer sectorspecifiek. De stakeholders geven ook zelf aan dat de actie veelal op het bovenlokale niveau ligt en het aan het lokale niveau is te ondersteunen.
Voor het berekenen van de reductie van het lokaal energie- en klimaatplan 2030 voor de groep ‘Klimaatoverleg Midwest’ wordt daarom voorgesteld om te werken naar analogie met het Vlaams klimaatplan(versie 9 december 2019 met bijkomende maatregelen van 5 november 2021). Hierdoor worden er geen bijkomende reducties opgelegd vanuit het lokale niveau.
Binnen het Vlaams klimaatplan (bijkomende maatregelen 5 november 2021) wordt gewerkt met het WAMscenario (“with additional measures” of “met bijkomende maatregelen”) voor het bepalen van de te behalen energie-gerelateerde reducties in 2030 t.o.v het jaar 2013. Voor de sector landbouw gaat dit om een CO2-reductie van 19 %.
Volgens de CO2-inventarissen van het Departement Omgeving bedroeg de CO2-uitstoot van de sector landbouw voor de groep ‘Klimaatoverleg Midwest’ 71 549 ton in 2013. Een reductie van 19 % CO2 t.o.v. het jaar 2013 komt dan overeen met een reductie van 13 738 ton.
In 2011 bedroeg de CO2-uitstoot in de landbouwsector 72 304 ton. Het verschil in uitstoot tussen 2013 en 2011 gesommeerd met de 19 % reductie ten opzichte van 2013 (analogie Vlaams klimaatplan), geeft de totale CO2-reductie die vermeld wordt in het klimaatplan. De totale CO2-reductie bedraagt dan 14 492 ton CO2 of 20 % reductie t.o.v. de CO2-uitstoot in de landbouwsector in het jaar 2011.
De maatregelen gehanteerd voor de sector industrie worden eveneens opgetrokken naar de hoogst mogelijke implementatiegraad in de maatregelentool.
De besparing door in te zetten op lokale energieproductie, waar een groot deel van de mogelijkheden voor de sector ligt, wordt verrekend in het luik ‘Lokale energieproductie’. Dit zoals vooropgesteld binnen het Europees kader ‘Burgemeestersconvenant’.
De CO2-reducties in het klimaatplan, met aanpassingen voor de sectoren industrie en landbouw, kunnen in onderstaande tabel worden teruggevonden.
| 2011 (ton) | CO2-reductie (ton) | % reductie per sector |
% reductie t.o.v. de totale CO2-uitstoot 2011 |
|
| voorbeeldfunctie | 9 682 | 3 873 | 40 % | 1 % |
| huishoudens | 146 189 | 88 842 | 61 % | 16 % |
| mobiliteit | 104 764 | 31 721 | 30 % | 6 % |
| tertiaire sector | 45 377 | 11 258 | 25 % | 2 % |
| industrie | 168 496 | 10 970 | 7 % | 2 % |
| landbouw | 72 304 | 14 492 | 20 % | 3 % |
| lokale energieproductie | 0 | 84 922 | nvt | 16 % |
| totaal | 546 811 | 246 078 | 45 % |
Toelichting door mevrouw Geldhof, 1ste schepen.
niet van toepassing
niet van toepassing
Mevrouw Lefebre, raadslid.
De heer De Marez, schepen.
Artikel 1
De gemeenteraad keurt het addendum 'landbouw' bij het gezamenlijk duurzaam energie- en klimaatactieplan voor de groep Klimaatoverleg Midwest, in bijlage bij dit besluit, goed.
Artikel 2
Een kopie van dit besluit wordt ondertekend bezorgd aan de West-Vlaamse Intercommunale, Baron Ruzettelaan 35, 8310 Brugge.
Het gemeentebestuur ging, samen met de voornaamste stakeholders, eind 2020 van start met de opmaak van dit plan, onder begeleiding van de POM West-Vlaanderen en OC WEST.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij decreet van 18 november 2022 tot wijziging van het Provinciedecreet van 9 december 2005, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft klokkenluiders.
Bespreking en advies van de lokaal economische raad van 5 december 2022.
Dit plan legt de visie vast over de toekomst van de commerciële kern van Oostrozebeke en de Ginste en van het gemeentelijk detailhandelsbeleid.
De belangrijkste thema’s zijn kernversterking, kernafbakening, een sfeervol en levendig winkelgebied, communicatie met de handelaars en het uitwerken van een ondernemersvriendelijk parkeerbeleid.
Deze visie moet de leidraad vormen voor een efficiënt en doeltreffend detailhandelsbeleid in Oostrozebeke voor de komende jaren.
Een bloeiende detailhandel en een sterke lokale economie zorgt immers voor beweging, beleving en sfeer.
Het actieplan is opgemaakt in overleg met het beleid, een interne stuurgroep met medewerkers van verwante domeinen zoals ruimtelijke ordening, cultuur, mobiliteit en de sociale dienst en een kleinere werkgroep, getrokken door de schepen en medewerker lokale economie.
Daarnaast zijn de gegeven adviezen van de stakeholders, ondernemers, Unizo, Markant en de lokaal economische raad verwerkt in het uiteindelijke plan.
Toelichting door de heer De Marez, schepen.
niet van toepassing
niet van toepassing
De heer Vandenbroucke en mevrouw Lefebre, raadsleden.
Enig artikel
De raad keurt het ontwerp van strategisch commercieel plan van de gemeente Oostrozebeke goed en wordt als bijlage gevoegd bij deze beslissing.
De brief van de sociale huisvestingsmaatschappijen CVBA Mijn Huis en CVBA Helpt Elkander van 23 december 2022 met de vraag een advies uit te brengen over de te vormen woonmaatschappij in functie van de aanvraag van haar erkenning.
Artikel 40 en volgende van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij decreet van 18 november 2022 tot wijziging van het Provinciedecreet van 9 december 2005, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft klokkenluiders.
Het decreet van 9 juli 2021 houdende wijzigingen van diverse decreten met betrekking tot wonen, waarbij een regelgevend kader met betrekking tot de woonmaatschappijen wordt gecreëerd.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021 tot wijziging van verschillende besluiten over wonen.
De Vlaamse Codex Wonen van 2021.
Besluit van de Vlaamse regering van 11 september 2020 tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 21 oktober 2022 tot wijziging van artikel 4.160/3 van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021.
In het traject naar het vormen van een eengemaakte woonmaatschappij voor het werkingsgebied sprak de gemeenteraad zich reeds eerder uit over de vooropgestelde verlenging van erkenning van de betrokken sociale huisvestingsmaatschappijen.
Vandaag is evenwel ook het advies van de gemeenteraad vereist in het kader van de lokale netwerkvorming, lokale inbedding en verankering (artikel 4.98 §1 3°, punt k van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021), dit met oog op het erkenningsdossier dat de betrokken woonactoren wensen in te dienen, tot erkenning als woonmaatschappij.
In een schrijven van 23 december 2022, die het gemeentebestuur van Oostrozebeke heeft ontvingen van de cvba Mijn Huis, met zetel te 8530 Harelbeke, Marktstraat 80 (0405.430.603) en van de cvba Helpt Elkander, met zetel te 8790 Waregem, Hazepad 1 (0405.419.913) wordt gevraagd om tegen uiterlijk 13 januari 2023 een advies uit te brengen over het traject dat zij willen doorlopen om tegen uiterlijk 30 juni 2023 deel uit te maken van de woonmaatschappij die in het werkingsgebied, waar onze gemeente deel van uitmaakt, zal worden gevormd.
Toelichting door mevrouw Verschoore, schepen.
niet van toepassing
niet van toepassing
Mevrouw Lefebre, raadslid.
De heer Derudder, burgemeester.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van het opzet tot aanvraag tot erkenning als woonmaatschappij.
Artikel 2
De gemeenteraad geeft als advies aan de Vlaamse Regering, in het kader van de procedure vermeld in artikel 4.98 §1 tweede lid, 2°, punt k van het BVCW van 2021, dat naar haar mening de te vormen woonmaatschappij zal zorgen voor voldoende lokale netwerkvorming, lokale inbedding en verankering. Volgens de gemeenteraad wordt aldus ook voldaan aan de doelstellingen van de gemeente.
Artikel 3
De gemeenteraad neemt kennis van de door de genoemde huisvestingsmaatschappijen bezorgde ontwerpen van statuten en intern reglement voor de te vormen woonmaatschappij.
Artikel 4
Deze beslissingen worden aan de aanvragers bezorgd.
De e-mail van raadslid Marleen Lefebre van 1 februari 2023 namens de fractie INSPRAAK.nu.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij decreet van 18 november 2022 tot wijziging van het Provinciedecreet van 9 december 2005, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft klokkenluiders.
Besluit van de gemeenteraad van 7 maart 2019 betreffende huishoudelijk reglement van de gemeenteraad, het laatst gewijzigd bij besluit van de gemeenteraad van 27 januari 2022, inzonderheid artikel 12.
De vragen van de raadsleden Marleen Lefebre, Koen Vandenbroucke en Davy Verhulst.
De antwoorden van Jonas Van D'huynslager, Olivier De Marez, schepenen en Luc Derudder, burgemeester.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Er wordt geen besluit genomen.
De voorzitter sluit de zitting op 02/02/2023 om 21:51.
Namens gemeenteraad,
Carl Vereecke
algemeen directeur
Anne-Sophie Verschoore
schepen-voorzitter