De gemeenteraad stelt haar deel van meerjarenplanaanpassing 1 2026 - 2031: Raad 04_06_2026 (BP2026_2031-1) vast.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 24 oktober 2025 tot wijziging van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, wat betreft een remediëringstraject na een forensische audit
Besluit van 30 maart 2018 van de Vlaamse regering over de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale] besturen, het laatst gewijzigd bij besluit van 13 maart 2026 van de Vlaamse regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen, wat betreft de bestrijding van de betalingsachterstand.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale (ing. MB 12 september 2018, art. 1, I: 1 januari 2020)] besturen, het laatst gewijzigd bij ministerieel besluit van 8 december 2023 tot wijziging van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids en beheerscyclus van de lokale en de provinciale besturen.
Omzendbrief KBBJ/ABB-2025/1 van 18 juli 2025 betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheercyclus.
Besluit van 4 december 2025 van de gemeenteraad betreffende meerjarenplan 2026 - 2031: Raad 04_12_2025 van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van 4 december 2025 van de gemeenteraad betreffende meerjarenplan 2026 - 2031: Raad 04_12_2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Gunstig visum met nummer VSM/2026/025 van 13 mei 2026 van de heer Masschaele, financieel directeur.
Gunstig advies van het managementteam van 19 mei 2026.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur reikt oplossingen aan om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken, met respect voor de verschillende rechtspersonen, die erbij betrokken zijn.
Daaruit volgt dat de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) een gezamenlijk meerjarenplan opstellen, dat door beide raden wordt vastgesteld.
Op die manier kan een geïntegreerd lokaal sociaal beleid maximaal worden gerealiseerd: beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de gemeente vervlochten zijn.
Ook het financiële evenwicht wordt beoordeeld voor de gemeente en het OCMW samen.
Omdat elke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de gemeente en die van het OCMW.
Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (schema M3), waarin de kredieten voor de gemeente en het OCMW apart worden opgenomen.
Minstens een keer per jaar wordt het meerjarenplan aangepast, waarbij in elk geval de kredieten voor het volgende boekjaar worden vastgesteld.
Als dat nodig is, kunnen daarbij ook de kredieten voor het lopende boekjaar worden aangepast.
Daarnaast kan het meerjarenplan, als dat nodig is, ook worden aangepast om alleen de kredieten voor het lopende boekjaar aan te passen.
Bij elke aanpassing van het meerjarenplan wordt het resultaat van de intussen vastgestelde jaarrekeningen verwerkt.
De gemeente en het OCMW hebben een geïntegreerd meerjarenplan maar hebben wel nog hun eigen bevoegdheid voor de vaststelling ervan.
Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst zijn eigen deel van het meerjarenplan vaststellen.
Daarna kan de gemeenteraad het deel van het meerjarenplan dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor het meerjarenplan definitief is vastgesteld.
De goedkeuring van de gemeenteraad is nodig omdat de gemeente de financiële gevolgen moet dragen van de keuzes, die de raad voor maatschappelijk welzijn maakt.
Die besluitvorming kan het best als volgt verlopen:
• de raad voor maatschappelijk welzijn stelt eerst zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad stelt vervolgens zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad keurt ten slotte het deel goed dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld.
Het ontwerp van aanpassing meerjarenplan bevat volgende documenten:
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Artikel 1
De meerjarenplanaanpassing 1 2026 - 2031: Raad 04_06_2026 (BP2026_2031-1) bestaande uit de strategische nota, het financieel doelstellingenplan (M1), de staat van het financieel evenwicht (M2), de staat van het financieel evenwicht: wijzigingsvariant (M2W) en het overzicht van de kredieten (M3) wordt vastgesteld.
Artikel 2
Het budgettair resultaat van het boekjaar van de gemeente in 2026 bedraagt: -1 377 540 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van de gemeente in 2026 bedraagt: 10 037 399 euro en het gecumuleerd budgettair resultaat 2026 bedraagt: 8 659 859 euro.
Het beschikbaar budgettair resultaat van de gemeente in 2026 bedraagt 8 659 859 euro.
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
De autofinancieringsmarge boekjaar van de gemeente in 2026 bedraagt: 1 859 323 euro.
| Soort krediet |
Totaal bedrag voor 2026 |
| Totaal exploitatie-uitgaven |
11 398 219 |
| Totaal exploitatie-ontvangsten |
13 893 999 |
| Totaal investerings-uitgaven |
6 667 344 |
| Totaal investerings-ontvangsten |
3 235 953 |
| Totaal financierings-uitgaven |
669 288 |
| Totaal financierings-ontvangsten |
227 359 |
Artikel 3
Het geconsolideerd budgettair resultaat van het boekjaar in 2026 bedraagt: - 2 909 381 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar in 2026 bedraagt: 8 583 566 euro en het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat 2026 bedraagt: 5 674 185 euro.
Er zijn geconsolideerd geen onbeschikbare gelden.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat in 2026 bedraagt: 5 674 185 euro.
De geconsolideerde autofinancieringsmarge boekjaar in 2026 bedraagt: 794 176 euro en de geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge in 2026 bedraagt: 715 372 euro.