De noodzaak om een beroep te kunnen doen op uitzendkrachten voor de invulling van bepaalde tijdelijke functies.
Wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers, het laatst gewijzigd bij wet van 12 juni 2020 houdende diverse bepalingen inzake de detachering van werknemers.
Koninklijk besluit van 7 december 2018 inzake de definiëring van uitzonderlijk werk in uitvoering van artikel 1, §4 van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers.
Decreet van 10 december 2010 betreffende de private arbeidsbemiddeling, het laatst gewijzigd bij decreet van 29 maart 2019 betreffende de opleidingscheques voor werknemers, de invoering van een registratieverplichting voor sportmakelaars en tot wijziging van diverse andere bepalingen inzake het beleidsdomein Werk en Sociale Economie.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij decreet van 25 februari 2022 tot wijziging van het decreet van 2 maart 1999 houdende het beleid en het beheer van de zeehavens, het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en het decreet van 3 mei 2019 houdende de havenkapiteindienst.
Decreet van 27 april 2018 betreffende de uitzendarbeid in de Vlaamse overheidsdiensten en de lokale besturen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 15 november 2010 betreffende personeel OCMW: toetreding tot Jobpunt Vlaanderen.
Het decreet van 27 april 2018 laat bepaalde vormen van uitzendarbeid toe. Uitzendarbeid is maar mogelijk bij een lokaal bestuur nadat de raad heeft beslist in welke gevallen hij een beroep wil doen op uitzendarbeid binnen de krijtlijnen van het decreet.
De raad kan ervoor kiezen om één, meer of alle vormen van uitzendarbeid toe te laten bij het bestuur.
Er zijn 8 mogelijkheden:
Daarnaast kan de raad nadere regels vaststellen, waaronder praktische regels worden verstaan alsook eventuele bijkomende beperkingen die het bestuur zichzelf oplegt.
De raad kan bepalen om enkel binnen bepaalde diensten een beroep te doen op uitzendarbeid.
De maximale duur van een bepaalde vorm van uitzendarbeid moet worden vastgelegd.
Die duur mag nooit langer zijn dan 12 maanden, verlengingen inclusief.
Een uitzendkracht kan verschillende uitzendopdrachten na elkaar vervullen als de reden voor de uitzendarbeid telkens verschillend is en met dien verstande dat voor elke reden de maximale duurtijd 12 maanden bedraagt.
Bij een nieuwe vorm of nieuwe vervanging begint de duurtijd opnieuw te lopen.
De raad moet ook regelen hoe en wanneer het bestuur:
Het is niet mogelijk uitzendkrachten in te zetten:
Het erkend uitzendkantoor waarop een beroep wordt gedaan, moet normalerwijze door het vast bureau aangesteld worden conform de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten.
Omdat het OCMW toetrad tot Poolstok cvba (voorheen Jobpunt Vlaanderen) moet het zelf geen procedure voeren doch kan het als vennoot gebruik maken van de uitzendbureaus, waarmee Poolstok een raamovereenkomst afsloot.
Het vast bureau is bevoegd om uitzendkrachten in dienst te nemen binnen de mogelijkheden en regels, die de raad heeft vastgesteld.
Deze bevoegdheid zal toevertrouwd worden aan de algemeen directeur.
Er is een gunstig advies van het managementteam van 19 april 2022.
Er is een protocol van akkoord van 9 mei 2022 van het bijzonder onderhandelingscomité van de plaatselijke overheidsdiensten.
De termijn van de onderhandelingen werd in onderling akkoord beperkt zodat de besluiten tijdig kunnen genomen worden.
Ons bestuur vindt het aangewezen om binnen de diensten van het OCMW, onder strikte voorwaarden, een beroep te kunnen doen op uitzendarbeid.
Aangezien de normale aanwervingsprocedure de regel moet blijven, is het niet aangewezen om uitzendarbeid voor elk motief mogelijk te maken binnen ons bestuur.
De volgende vormen van uitzendarbeid zijn relevant om op te nemen:
Er kan pas een beroep gedaan worden op uitzendarbeid na het nagaan of volgende pistes mogelijk zijn:
Vanwege de kostprijs zal de maximale toegelaten termijn, inclusief verlengingen, worden vastgesteld op zes maand(en).
Toelichting door de heer Luc Derudder, voorzitter vast bureau.
Voor de tewerkstelling van uitzendkrachten moet rekening worden gehouden met de coëfficiënt die het uitzendbureau aanrekent.
De coëfficiënt is gelijk aan een percentage van het brutoloon van de functie die met uitzendarbeid ingevuld wordt.
De uitzendbureau(s) waar Poolstok cvba mee werkt, rekenen een coëfficient aan die verschillend is volgens het niveau en het soort functie.
Artikel 1
Er kan binnen de afdelingen/diensten van het OCMW een beroep worden gedaan op uitzendarbeid overeenkomstig de voorwaarden en modaliteiten opgenomen in dit besluit.
Artikel 2
Er kan in de volgende gevallen een beroep worden gedaan op uitzendarbeid overeenkomstig de voorwaarden en modaliteiten opgenomen in dit besluit:
Artikel 3
Er wordt voor een termijn van maximaal zes maand(en) gebruik gemaakt van de uitzendarbeid.
Per vorm van uitzendarbeid kan er nooit langer dan zes maanden gebruik worden gemaakt van uitzendarbeid, en dit met inbegrip van eventuele verlengingen.
Artikel 4
Het is niet mogelijk uitzendkrachten in te zetten:
Artikel 5
Het OCMW brengt de vakorganisaties ervan op de hoogte dat een uitzendkracht aan de slag gaat bij het bestuur:
Artikel 6
In het eerste hoog overlegcomité van het kalenderjaar bezorgt het OCMW de globale informatie over de inzet van uitzendkrachten in het voorafgaande kalenderjaar.
Die informatie bevat minstens:
Artikel 7
De uitzendkrachten moeten voldoen aan de toelatings- en aanwervingsvoorwaarden zoals deze gelden voor de eigen personeelsleden.
De uitzendkrachten, die aan de slag gaan bij een lokaal bestuur, zijn onderworpen aan de Bestuurstaalwet (SWT) wat betreft hun taalgebruik (de door de SWT voorgeschreven bestuurstaal) en moeten daarom het Nederlands gebruiken in hun opdrachten, die ze voor de het OCMW uitvoeren.
De deontologische code voor de eigen personeelsleden is eveneens van toepassing op de uitzendkrachten.
Artikel 8
De aanstelling van het uitzendbureau/de uitzendbureaus met wie de uitzendarbeid in uitvoering van onderhavig besluit wordt gesloten, wordt toevertrouwd aan Poolstok.