De voorzitter opent de zitting op 06/07/2023 om 20:02.
Volgens het artikel 219 van het decreet over het lokaal bestuur rapporteert de algemeen directeur jaarlijks aan het college van burgemeester en schepenen, de gemeenteraad, de raad voor maatschappelijk welzijn en het vast bureau over de organisatiebeheersing.
Die rapportering gebeurt jaarlijks uiterlijk vóór 30 juni van het daaropvolgende jaar.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, meer bepaald artikel 219.
De rapportering organisatiebeheersing 2022 werd besproken worden op vergadering van april 2023 van het managementteam.
De leden van het managementteam hebben elk voor hun departement, afdeling en/of diensten aanvullingen en aanpassingen ingebracht in het voorontwerp van rapport voor de organisatiebeheersing 2023.
Het managementteam heeft het afgewerkt voorontwerp besproken op haar vergadering van 16 mei 2023 zodat het niet meer tijdig op de agenda van 1 juni 2023 van de raad voor maatschappelijk welzijn kon worden geagendeerd voor kennisname, doch wel op de agenda van de daaropvolgende vergadering van 6 juli 2023.
Aan de financieel directeur werd gevraagd om het financieel luik in het voorontwerp van rapport 2022 eens te controleren voor zijn aandeel (financiële dienst), aan te passen en/of aan te vullen.
Dit kon wegens ziekteverlof niet aangevuld worden voor de vergadering van 18 april 2023.
De algemeen directeur heeft in het rapport 2022 ook de planning voor 2023 overlopen.
Alle geplande initiatieven voor 2023 zijn lopende en worden verder opgevolgd.
Het managementteam verleende op haar vergadering van 16 mei 2023 gunstig advies aan het rapport 2022.
Toelichting door de heer Vereecke, algemeen directeur.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
De raad neemt kennis van het rapport over organisatiebeheersing 2022.
De jaarrekening 2022 van het OCMW moet vastgesteld worden.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale] besturen, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 7 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale (ing. MB 12 september 2018, art. 1, I: 1 januari 2020)] besturen, het laatst gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 3 juni 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 juni 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 december 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 december 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juni 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juni 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 8 december 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 van het deel OCMW: goedkeuren.
Gunstig advies van het managementteam van 20 juni 2023.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur reikt oplossingen aan om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken, met respect voor de verschillende rechtspersonen, die erbij betrokken zijn.
Daaruit volgt dat de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) een gezamenlijke (geconsolideerde) jaarrekening opmaken, dat door beide raden wordt vastgesteld.
Op die manier kan een geïntegreerd lokaal sociaal beleid maximaal worden gerealiseerd: beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de gemeente vervlochten zijn.
De gemeente en haar OCMW vormen samen 1 rapporteringsentiteit en maken één geïntegreerde jaarrekening.
Daarin wordt de financiële toestand van die twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld.
Omdat elke afzonderlijke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in de geconsolideerd jaarrekening een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de gemeente en die van het OCMW.
Dat komt tot uiting in het schema met de realisatie van de kredieten (schema J3), waarin de kredieten voor de gemeente en het OCMW apart worden opgenomen.
De gemeentelijke bijdrage voor het OCMW is niet meer opgenomen in het meerjarenplan. De gemeente moet wel zorgen dat het OCMW haar financiële verplichtingen kan nakomen.
Dit heeft als gevolg dat de tussenkomst van de gemeente in het kader van het thesauriebeheer van het OCMW niet gebudgetteerd wordt, maar wel jaarlijks geboekt wordt in de resultaatverwerking bij de jaarrekening.
De gemeente verleent een tussenkomst in het boekhoudkundig tekort van basis van het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW.
De jaarrekening wordt vastgesteld voor 30 juni van het boekjaar volgend op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft.
Die besluitvorming kan het best als volgt verlopen:
Het ontwerp van geconsolideerde jaarrekening bevat volgende documenten:
Toelichting van de heer De Marez, schepen, en de heer Masschaele, financieel directeur.
niet van toepassing
niet van toepassing
De heren Verhulst en Castelein en mevrouw Braeckevelt, raadsleden.
Artikel 1
De jaarrekening voor het boekjaar 2022 van het deel van het OCMW wordt samen met de verplichte bijlagen vastgesteld.
De financiële toestand van de jaarrekening voor het boekjaar 2022 van het deel van het OCMW is als volgt:
Het budgettaire resultaat boekjaar van het deel van het OCMW bedraagt -710 354 euro.
Het gecumuleerde budgettaire resultaat van het vorig boekjaar van het deel van het OCMW bedraagt 856 124 euro.
Het gecumuleerde budgettaire resultaat van het deel van het OCMW bedraagt 145 770 euro.
Er zijn geen onbeschikbare reserves bij het deel van het OCMW.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het deel van het OCMW bedraagt 145 770 euro.
De autofinancieringsmarge van het deel van het OCMW bedraagt -629 780 euro.
Artikel 2
De financiële toestand van de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar 2021 is als volgt:
Het geconsolideerd budgettaire resultaat boekjaar bedraagt 1 676 708 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerde budgettaire resultaat van het vorig boekjaar bedraagt 7 917 859 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerde budgettaire resultaat bedraagt 9 594 567 euro.
Er zijn geen onbeschikbare reserves.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat bedraagt 9 594 567 euro.
De geconsolideerd autofinancieringsmarge bedraagt 1 382 847 euro.
De geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge bedraagt 1 209 763 euro.
Artikel 3
De geconsolideerde balans voor het boekjaar 2022 wordt vastgesteld.
Het geconsolideerde balanstotaal bedraagt 61 680 837 euro.
Artikel 4
De geconsolideerde staat van opbrengsten en kosten voor het boekjaar 2022 wordt vastgesteld.
Het operationeel overschot bedraagt 545 928 euro.
Het financieel overschot bedraagt 269 399 euro.
Het overschot van het boekjaar bedraagt 815 327 euro.
Artikel 5
De gemeente verleent een tussenkomst in het boekhoudkundig tekort van basis van het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW, voor 2022 betekent dit: 710 354 euro.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt het deel van de meerjarenplanaanpassing 7 2020 - 2025: Raad 06_07_2023(BP2020_2025_7) van het OCMW vast.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale] besturen, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 7 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale (ing. MB 12 september 2018, art. 1, I: 1 januari 2020)] besturen, het laatst gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Omzendbrief KBBJ/ABB-2020/3 van 18 september 2020 over de aanpassing van de meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 3 juni 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 juni 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 december 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 december 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juni 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juni 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 8 december 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 van het deel OCMW: goedkeuren.
Gunstig advies van het managementteam van 20 juni 2023.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur reikt oplossingen aan om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken, met respect voor de verschillende rechtspersonen, die erbij betrokken zijn.
Daaruit volgt dat de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) een gezamenlijk meerjarenplan opstellen, dat door beide raden wordt vastgesteld.
Op die manier kan een geïntegreerd lokaal sociaal beleid maximaal worden gerealiseerd: beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de gemeente vervlochten zijn.
Omdat de gemeente en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan maken, wordt het financiële evenwicht voor die twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld.
Omdat elke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de gemeente en die van het OCMW.
Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (schema M3), waarin de kredieten voor de gemeente en het OCMW apart worden opgenomen.
Minstens een keer per jaar wordt het meerjarenplan aangepast, waarbij in elk geval de kredieten voor het volgende boekjaar worden vastgesteld.
Als dat nodig is, kunnen daarbij ook de kredieten voor het lopende boekjaar worden aangepast.
Daarnaast kan het meerjarenplan, als dat nodig is, ook worden aangepast om alleen de kredieten voor het lopende boekjaar aan te passen.
Bij elke aanpassing van het meerjarenplan wordt het resultaat van de intussen vastgestelde jaarrekeningen verwerkt.
De goedkeuring van de gemeenteraad is nodig omdat de gemeente de financiële gevolgen moet dragen van de keuzes, die de raad voor maatschappelijk welzijn maakt.
Die besluitvorming kan het best als volgt verlopen:
• de raad voor maatschappelijk welzijn stelt eerst zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad stelt vervolgens zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad keurt ten slotte het deel goed dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld.
Het ontwerp van aanpassing meerjarenplan bevat volgende documenten:
niet van toepassing
niet van toepassing
De heer Verhulst, raadslid.
Artikel 1
De meerjarenplanaanpassing 7 2020 - 2025: Raad 06_07_2023 van het deel OCMW, bestaande uit de strategische nota, het financieel doelstellingenplan (M1), de staat van het financieel evenwicht (M2), de staat van het financieel evenwicht: wijzigingsvariant (M2W) en het overzicht van de kredieten (M3) wordt vastgesteld.
Artikel 2
Het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW in 2025 bedraagt: -1 893 908,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van het OCMW in 2025 bedraagt: -3 083 202,00 euro en het gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt: -4 977 110,00 euro.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het OCMW in 2025 bedraagt - 4 977 110,00 euro.
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
De autofinancieringsmarge boekjaar van het OCMW in 2025 bedraagt: -1 831 158,00 euro.
Artikel 3
Het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW in 2023 bedraagt: -2 147 385,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van het OCMW in 2023 bedraagt: 856 124,00 euro en het gecumuleerd budgettair resultaat 2023 bedraagt: -1 291 260,00 euro.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het OCMW in 2023 bedraagt -1 291 260,00 euro.
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
De autofinancieringsmarge boekjaar van het OCMW in 2023 bedraagt: -1 679 967,00 euro.
De kredieten van het OCMW voor het boekjaar 2023 (M3) worden vastgesteld.
| Soort krediet |
Totaal bedrag voor 2023 |
| Totaal exploitatie-uitgaven |
7 717 409,00 |
| Totaal exploitatie-ontvangsten |
6 245 467,00 |
| Totaal investerings-uitgaven |
632 418,00 |
| Totaal investerings-ontvangsten |
165 000,00 |
| Totaal financierings-uitgaven |
208 025,00 |
| Totaal financierings-ontvangsten |
0,00 |
Artikel 4
Het geconsolideerd budgettair resultaat van het boekjaar in 2025 bedraagt: -519 530,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar in 2025 bedraagt: 4 221 574,00 euro en het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt: 3 702 044,00 euro.
Er zijn geconsolideerd geen onbeschikbare gelden.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat in 2025 bedraagt: 3 702 044,00 euro.
De geconsolideerde autofinancieringsmarge boekjaar in 2025 bedraagt: 48 912,00 euro en de geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge in 2025 bedraagt: -41 143,00 euro.
Het akkoord van het vast bureau op 8 maart 2023 om een aanvraag in te dienen bij de POD Maatschappelijke integratie in het kader van het project ‘het ter beschikking stellen van het REMI-systeem aan de OCMW’s’.
Organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, het laatst gewijzigd bij de wet van 26 november 2021 tot wijziging van artikel 98 van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Wet van 4 september 2002 betreffende toewijzing van een opdracht aan de openbare centra voor maatschappelijk welzijn inzake de begeleiding en de financiële maatschappelijke steunverlening aan de meest hulpbehoevenden inzake energielevering, het laatst gewijzigd bij wet van 23 december 2005 betreffende wijziging van de wet van 4 september 2002 houdende toewijzing van een opdracht aan de openbare centra voor maatschappelijk welzijn inzake de begeleiding en de financiële maatschappelijke steunverlening aan de meest hulpbehoevenden inzake energielevering;
Omzendbrief van 13 april 2010 betreffende het 'preventief sociaal energiebeleid' in het kader van het Gas- en Elektriciteitsfonds [+ handleiding].
Besluit van de Vlaamse Regering van 13 maart 2009 betreffende de openbare dienstverplichtingen in de vrijgemaakte elektriciteits- en aardgasmarkt, het laatst gewijzigd bij Besluit van de Vlaamse regering van 12 november 2010 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 maart 2009 betreffende de sociale openbare dienstverplichtingen in de vrijgemaakte elektriciteit- en aardgasmarkt, wat betreft de invoering van een minimale levering van aardgas tijdens de winterperiode.
Koninklijk besluit van 8 april 2003 houdende toekenning van een subsidie van 6.200.000 euro aan de openbare centra voor maatschappelijk welzijn teneinde de sociale en culturele participatie en ontplooiing van hun cliënten te bevorderen, het laatst gewijzigd door het koninklijk besluit van 10 juli 2022 houdende toekenning van een financiële tegemoetkoming aan bepaalde openbare centra voor maatschappelijk welzijn als gevolg van de hervorming van de maatregelen ter bevordering van de participatie en sociale activering van de gebruikers van de dienstverlening voor het jaar 2022.
Koninklijk besluit van 12 december 2001 betreffende de dienstencheques, het laatst gewijzigd bij besluit van 16 mei 2019 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot wijziging van het koninklijk besluit van 12 december 2001 betreffende de dienstencheques en van het koninklijk besluit van 7 juni 2007 betreffende het opleidingsfonds dienstencheques.
Omzendbrief van 20 december 2016 betreffende de toelage ter bevordering van de participatie en sociale activering van OCMW-gebruikers vanaf 2017.
Besluit van de Vlaamse Regering van 22 november 2013 houdende de subsidies en de eraan gekoppelde voorwaarden voor de realisatie van specifieke dienstverlenging door gezinsopvang en groepsopvang van baby’s en peuters, het laatst gewijzigd door het besluit van de Vlaamse Regering van 7 juni 2019 tot wijziging van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, wat betreft het toelaten van verschillende prijssystemen in een kinderopvanglocatie met het systeem inkomenstarief, en tot wijziging van artikel 8 van het Procedurebesluit van 9 mei 2014.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 14 december 2000 betreffende kennisname van en besluit naar aanleiding van de nota van Sabine Wyseure, maatschappelijk werker betreffende ‘aanvullende steun’ houdende de vaststelling van een kaderbesluit voor de toekenning van verschillende vormen van aanvullende steun, het laatst gewijzigd door het besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juni 2022 betreffende sociale dienstverlening - aanvullende steun: vaststellen reglement aanvullende steun
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 20 december 2010 betreffende sociale dienstverlening - minimale levering van aardgas tijdens de winterperiode via budgetmeter: principebesluit.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 juli 2016 betreffende sociale dienstverlening - besteding van de subsidie toegekend aan het OCMW ter betreffende toewijzing van een opdracht aan de openbare centra voor maatschappelijk welzijn inzake de begeleiding en de financiële maatschappelijke steunverlening aan de meest hulpbehoevenden inzake energielevering.
Besluit van de gemeenteraad van 4 mei 2017 betreffende gecoördineerd retributiereglement: hervaststellen, het laatst gewijzigd bij besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende gecoördineerd retributiereglement: voorwaarden: aanvullen en wijzigen
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 14 september 2009 betreffende sociale dienstverlening - besteding van de subsidie toegekend aan het OCMW ter bevordering van de maatschappelijke participatie en de culturele en sportieve ontplooiing van de gebruikers van de dienstverlening voor de periode vanaf 1 mei 2009 tot en met 31 december 2009: principebesluit, het laatst gewijzigd door het besluit van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 6 oktober 2022 betreffende sociale dienstverlening - besteding van de subsidie toegekend aan het OCMW ter bevordering van de maatschappelijke participatie en de culturele en sportieve ontplooiing van de gebruikers van de dienstverlening van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn voor het jaar 2022.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 16 december 2014 betreffende sociale dienstverlening - dienstenonderneming Net-Werk: vaststellen van een bijdrage in dienstencheques met ingang van 1 januari 2015.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 december 2019 betreffende sociale dienstverlening - reglement betreffende klusjesdienst: wijzigen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 februari 2019 betreffende sociale dienstverlening: transitwoningen: doorgangswoning: verblijfs-en begeleidingsovereenkomst: vaststellen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 februari 2019 betreffende sociale dienstverlening: transitwoningen: doorgangswoning: verblijfs-en begeleidingsovereenkomst: vaststellen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 februari 2019 betreffende sociale dienstverlening: transitwoningen: crisiswoning: voorwaarden vaststellen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 27 januari 2022 betreffende sociale dienstverlening: verblijfsovereenkomst voor de crisiswoning: hervaststellen.
Besluit van het vast bureau van 19 april 2023 betreffende Lijst van de tarieven vanaf 1 mei 2023: vaststellen.
Goedkeuring van de nota betreffende het indienen van een aanvraag voor het project van de Federale Overheid met name 'het ter beschikking stellen van het REMI-systeem aan de OCMW's door het vast bureau van 8 maart 2023.
Sinds 2010 wordt door het OCMW van Oostrozebeke, in het kader van de armoedebestrijding voor dergelijke maatschappelijk kwetsbare personen of gezinnen, voor de meest frequent voorkomende vormen van steun de toepassingsmodaliteiten vastgelegd in een kaderbesluit “aanvullende steun” (besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 14 december 2000 betreffende kennisname van en besluit naar aanleiding van de nota van Sabine Wyseure, maatschappelijk werker betreffende ‘aanvullende steun’ houdende de vaststelling van een kaderbesluit voor de toekenning van verschillende vormen van aanvullende steun).
De laatste aanpassing werd ingevoerd met ingang van 3 juni 2022.
Het reglement aanvullende steun en de referentienorm worden gebruikt om te bepalen:
Het reglement aanvullende steun bevat de algemene en specifieke voorwaarden, waaraan begunstigden moeten voldoen om recht te hebben op bepaalde vormen van ondersteuning.
De Federale Regering wil de OCMW’s stimuleren om op basis van het REMI-systeem, zoals ontwikkeld door het Centrum voor budgetadvies en -onderzoek (CEBUD), aanvullende financiële steun te voorzien voor huishoudens die over een ontoereikend inkomen beschikken, of dat nu gaat over een inkomen uit bijstand, uitkering of arbeid.
Deze aanvullende financiële steun veronderstelt het meewerken aan een activeringstraject op maat.
REMI is een online tool die op maat van ieder gezin vaststelt in welke mate het gezinsinkomen toereikend is om menswaardig te kunnen leven.
Onze ICT-leverancier Cipal-Schaubroeck heeft ook een versie ontwikkelt binnen hun programma Sierra waarbij REMI kan ingebracht worden.
De federale regering maakte een budget vrij van 35 miljoen euro per jaar voor de begrotingsjaren 2023 en 2024 en lanceerde een projectoproep ‘het ter beschikking stellen van het REMI-systeem aan de OCMW’s’.
Een deel van de toelage is bestemd om tijdens de toelageperiode, de kost van de REMI-licentie te dekken en een deel om aanvullende financiële steun na gebruik van REMI, toe te kennen.
De eerste toelageperiode loopt van 1 mei 2023 t.e.m. 28 februari 2024.
De tweede toelageperiode loopt van 1 maart 2024 tot en met 31 december 2024. OCMW Oostrozebeke ontvangt voor de eerste periode een bedrag van 7585,63 euro (1 379,40 euro voor de licentie en 6 206,23 euro voor tussenkomsten in aanvullende steun).
Er wordt gepleit voor het gebruik van REMI omwille van volgende redenen:
Bijgevolg moet de referentienorm vervangen worden door REMI Het reglement aanvullende steun zal ook hervastgesteld worden.
Volgende zaken werden aangepast:
Toelichting door mevrouw Verschoore, schepen.
De uitgaven zijn voorzien in het meerjarenplan 2020-2025:
De inkomsten zijn voorzien in het meerjarenplan 2020-2025;
niet van toepassing
niet van toepassing
Enig artikel
Het reglement voor aanvullende steun met ingang van 1 juli 2023 wordt als volgt vastgesteld:
Artikel 1
Het reglement ‘aanvullende steun’ bevat de algemene en specifieke voorwaarden, waaraan begunstigden moeten voldoen om recht te hebben op bepaalde vormen van ondersteuning.
Aanvullende steun wordt toegekend op maat van de cliënt en zorgt ervoor dat een aantal basisbehoeften kunnen ingevuld worden:
Artikel 2
Om te beoordelen of iemand recht heeft op aanvullende steun wordt gebruik gemaakt van de ‘REMI’-tool, die integraal deel uitmaakt van het sociaal verslag.
1. Inkomen (van de aanvrager en de personen waarmee hij feitelijk samenwoont):
2. Uitgaven: de vaste kosten, die noodzakelijk zijn om een menswaardig leven te kunnen leiden, worden in rekening gebracht:
REMI maakt gebruik van referentiebudgetten. Dit zijn korven van goederen en diensten die illustreren wat gezinnen minimaal nodig hebben om aan alle behoeften te kunnen voldoen die noodzakelijk zijn om volwaardig te kunnen participeren aan de samenleving.
Leefgeld (voeding, kleding, verzorging, ontspanning, onderhouden van relaties en onderhoud van de woning) en toekomstige voorzieningen (d.i. spaargeld om de duurzame consumptiegoederen te kunnen vervangen) worden in REMI rechtstreeks berekend aan de hand van referentiebudgetten.
In onderstaande gevallen worden de reële uitgaven ingebracht nl.:
Andere afspraken zijn:
Artikel 3
Om recht te hebben op één of meerdere vormen van aanvullende steun:
Artikel 4
Aanvullende steun moet aangevraagd worden bij de sociale dienst van het OCMW, Ernest Brengierstraat 6 te 8780 Oostrozebeke, telefonisch op het nummer 056/67 11 50 of per e-mail gericht aan sociaalhuis@oostrozebeke.be.
Voor cliënten met een actief dossier bij het OCMW Oostrozebeke doet de begeleidend maatschappelijk werker de aanvraag van ambtswege.
Artikel 5
De maatschappelijk werker voert een sociaal onderzoek uit en maakt een sociaal verslag op.
Het bijzonder comité voor de sociale dienst neemt een individueel besluit tot toekenning, weigering, herziening of stopzetting van het recht op één of meerdere vormen van aanvullende steun.
De voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst kan in dringende gevallen tot dringende hulpverlening beslissen.
Artikel 6
Het recht op aanvullende steun gaat in vanaf 1 januari of vanaf de datum vermeld in het besluit van het bijzonder comité voor de sociale dienst tot en met 30 juni of tot en met 31 december van het lopend kalenderjaar.
Voor personen die bij het OCMW in schuldbemiddeling of budgetbeheer zijn, wordt de aanvullende steun toegekend tot en met 31 december van het lopende kalenderjaar.
Artikel 7
Tenzij anders bepaald, wordt de toegekende aanvullende steun uitbetaald op het bankrekeningnummer van de aanvrager.
Er worden enkel facturen in aanmerking genomen die gedateerd zijn vanaf de ingangsdatum van de aanvullende steun (met uitzondering van achterstallige energie- en waterfacturen).
Facturen moeten binnen de maand binnengebracht worden bij de sociale dienst.
Artikel 8
Volgende vormen van aanvullende steun kunnen – onder de vermelde bijkomende voorwaarden – toegekend worden:
8.1. Huurtoelage
Om recht te hebben op een huurtoelage moet de aanvrager bijkomend aan de volgende voorwaarden voldoen:
De huurtoelage is het bedrag van de maandelijkse huur (lopende maand) dat hoger ligt dan 1/3 van het maandinkomen (voorafgaand) en bedraagt maximum 100,00 euro per maand.
De huurtoelage kan niet gecumuleerd worden met de Vlaamse huursubsidie of Vlaamse huurpremie. Wanneer de Vlaamse huursubsidie of huurpremie toegekend wordt met terugwerkende kracht, moet de huurtoelage voor deze periode terugbetaald worden aan het OCMW. Het OCMW kan niet meer terugvorderen dan hetgeen het voor die periode heeft uitbetaald.
Het bijzonder comité voor de sociale dienst kan bijkomend beslissen om de toekenning te koppelen aan budgetbeheer en/of begeleiding door de Woondienst Regio Izegem.
8.2. Energietoelage
De energietoelage is:
Het bijzonder comité voor de sociale dienst kan bijkomend beslissen om de toekenning te koppelen aan een energiescan.
8.3. Tenlasteneming van de jaarlijkse bijdrage ziekenfonds/zorgpremie/hospitalisatieverzekering van het lopende jaar.
Er is een integrale ten laste name van de jaarlijkse ziekenfondsbijdrage(n) en zorgpremie.
Voor de hospitalisatieverzekering(en) is dit met een maximum van 130,00 euro per persoon per jaar.
8.4. Tussenkomst in farmaceutische kosten
Voor medicatie op doktersvoorschrift komt het OCMW voor 50% tussen in de oplegkosten.
De tussenkomst is op jaarbasis en per persoon beperkt tot het plafondbedrag van de maximumfactuur.
Bij vaststelling van misbruik (o.a. opzettelijk laten bijschrijven door de huisarts van medicatie, die ook zonder doktersvoorschrift kan bekomen worden), kan deze vorm van aanvullende steun ingetrokken worden.
Voor personen in schuldbemiddeling mag de apotheker maandelijks de volledige factuur overmaken aan de maatschappelijk werker/dossierbeheerder. Anderen moeten zelf 50% betalen, de apotheker bezorgt het OCMW een factuur voor de onbetaalde 50%.
8.5. Vrijetijdstoelage – toelage voor kinderen
De vrijetijdstoelage is een toelage ten bedrage van maximum 100,00 euro per persoon per jaar voor:
De toelage voor kinderen (tot 18 jaar) van gebruikers is een toelage van maximum 100,00 euro per persoon per jaar.
Deze toelage is bedoeld voor de deelname aan sociale programma's:
8.6. Eén euro-actie
Naast de vrijetijdstoelage en de toelage voor kinderen kan een gerechtigde op aanvullende steun en zijn/haar gezin voor de prijs van 1,00 euro per persoon per evenement naar evenementen gaan die georganiseerd worden in de gemeente Oostrozebeke.
Een begeleider naar keuze mag mee voor diezelfde prijs.
Het OCMW bezorgt hiervoor een geselecteerd aanbod aan de gerechtigden.
In dat geval zal het OCMW ook voor de kaarten zorgen.
De gerechtigde mag ook zelf een voorstel doen.
8.7. Tussenkomst in speelpleinwerking, Tsjaka en SWAP
Naast de vrijetijdstoelage en de toelage voor kinderen heeft een gerechtigde op aanvullende steun en zijn/haar gezin recht op een tussenkomst van 50% wanneer zijn/haar kind naar de speelpleinwerking gaat of deelneemt aan een Tsjaka kamp of een SWAP activiteit.
8.8. Voedselbedeling
Een gerechtigde op aanvullende steun en zijn/haar gezin mag maandelijks een voedselpakket afhalen bij het OCMW van Oostrozebeke op de vastgestelde datum.
Indien betrokkene zonder verwittiging één keer nalaat om zijn/haar voedselpakket op te halen, wordt deze steunverlening met onmiddellijke ingang stopgezet voor de rest van de termijn. Betrokkene wordt hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht. Betrokkene kan een tweede aanvraag doen maar indien hij/zij opnieuw nalaat om zijn/haar voedselpakket op te halen, wordt geen nieuwe aanvraag meer behandeld gedurende het lopende kalenderjaar.
De aanvraag voor een eenmalig dringend voedselpakket kan ook ingediend worden door huisartsen, buitenschoolse kinderopvang de Wiemkes te Oostrozebeke, voor-en naschoolse kinderopvang Pluto te Oostrozebeke en Kind en Gezin.
8.9. Eerste leeftijdsmelk
Dit is een tussenkomst in de aankoop van één doos eerste leeftijdsmelk per week gedurende de eerste 6 maanden na de geboorte.
De aanvraag kan ook ingediend worden door Kind en Gezin. Een toekenning is dan geldig voor 3 maanden en tot het kind van de aanvrager de leeftijd van zes maanden heeft.
8.10. Fietsen via Veloods
Dit is een eenmalige tussenkomst per gezinslid voor de aankoop van een fiets bij Veloods met een maximumprijs van 150,00 euro.
De tussenkomst van de cliënt bedraagt 10,00 euro voor een volwassene en 5,00 euro voor een kind.
8.11. Recht op sociaal tarief buitenschoolse kinderopvang ‘de Wiemkes’ te Oostrozebeke
Gerechtigden op aanvullende steun waarvan de kinderen gebruik maken van de buitenschoolse kinderopvang ‘de Wiemkes’ komen in aanmerking voor een sociaal tarief.
Een uittreksel van het besluit wordt overgemaakt aan de buitenschoolse kinderopvang.
8.12. Recht op individueel verminderd tarief kinderopvang ‘Kind en Gezin’
Gerechtigden op aanvullende steun waarvan de kinderen gebruik maken van kinderopvang komen in aanmerking voor het individueel verminderd tarief kinderopvang ‘Kind en Gezin’.
Een gerechtigde op aanvullende steun kan recht hebben op:
Een uittreksel van dit besluit wordt overgemaakt aan Kind en Gezin.
De toekenning is één jaar geldig.
8.13. Minimale levering via de aardgasbudgetmeter
Gerechtigden op aanvullende steun met een aardgasbudgetmeter kunnen beroep doen op de minimale levering via de aardgasbudgetmeter gedurende de winterperiode vastgesteld door de minister van energie.
8.14. Iedereen verdient vakantie
Gerechtigden op aanvullende steun en zijn/haar gezin kunnen gebruik maken van het aanbod van iedereen verdient vakantie.
8.15 Verjaardagpakketten
Kinderen van 1 tot 12 jaar van gerechtigden op aanvullende steun hebben recht op een verjaardagpakket.
8.16. Betaalbare dienstverlening
Gebruikers en zijn/haar gezin die beroep doen op volgende dienstverlening van het OCMW en die gerechtigd zijn op aanvullende steun, hebben recht op het sociaal tarief bij:
Gerechtigden op aanvullende steun die omwille van tijdelijke of permanente zorgbehoevendheid beroep doen op een traiteur die maaltijden aan huis levert of beroep doen op een dienstenonderneming, komen in aanmerking voor een tussenkomst.
Dit sociaal tarief werd vastgelegd in de lijst van de tarieven.
De zorgbehoevendheid of noodzaak wordt bepaald door de huisarts/specialist.
8.17 Pamperbank Oostrozebeke
Gerechtigden op aanvullende steun mogen gebruik maken van de Pamperbank van Oostrozebeke. Een pakket bestaat uit 25 luiers. Hij/zij betaalt de bijdrage, die vastgelegd werd door ‘Samen Sterker’, de coöperatieve onderneming waarmee samen gewerkt wordt voor de organisatie van de pamperbank.
Artikel 9
De referentienorm wordt vervangen door REMI.
Artikel 10
Dit besluit gaat in vanaf 1 juli 2023 voor de nieuwe aanvragen en de (half)jaarlijkse herzieningen.
Artikel 11
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 20 november 2019 betreffende sociale dienstverlening - aanvullende steun: vaststellen reglement aanvullende steun en aanpassen referentienorm met ingang van 1 januari 2020 wordt het luik sociale dienstverlening - aanvullende steun: vaststellen reglement aanvullende steun wordt opgeheven.
Mededingingsprocedure met onderhandeling op grond van artikel 38, §1, 1°, b van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten omdat de uit te voeren werken tevens een ontwerp van oplossingen bevatten.
Daarenboven geldt dat de opdracht niet gegund kan worden zonder voorafgaandelijke onderhandelingen wegens specifieke omstandigheden, die verband houden met de aard, de complexiteit en/of de juridische en financiële voorwaarden of wegens de daaraan verbonden risico's (op grond van artikel 38, §1, 1°, c van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten.
De contracten, die tot stand komen, zullen het voorwerp dienen te zijn van onderhandelingen tussen partijen, waarna de precieze rechten en plichten van elk van de partijen worden vastgelegd en de risico's juist worden gealloceerd.
De projectstuurgroep wordt daarbij gevraagd tot de opmaak van het bestek over te gaan, op basis waarvan de geselecteerde kandidaat (gegadigde) een offertevoorstel kan indienen. Het bestek dient voorafgaandelijk formeel goedgekeurd te worden door de raad voor maatschappelijk welzijn, voorwerp van deze beslissing.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten - "Overheidsopdrachtenwet".
De Wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten – “Rechtsbeschermingswet”, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 17 december 2021 tot aanpassing van twee drempels in de wet van 17 juni 2013.
Koninklijk Besluit van 18 april 2017 plaatsing overheidsopdrachten in de klassieke sectoren - "KB Plaatsing"
Het Koninklijk Besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten en van de concessies voor openbare werken – “KB Uitvoering”.
Besluit van het vast bureau van 2 oktober 2019 betreffende visienota uitbreiding WZC met dagverzorging en assistentiewoningen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 6 februari 2020 betreffende departement Zorg - afdeling woonzorgcentrum Rozenberg: realiseren van een dagverzorgingscentrum en/of assistentiewoningen: goedkeuren van de samenwerkingsovereenkomst met OCMW Wielsbeke en samenstellen van de projectstuurgroep.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 april 2020 betreffende departement Zorg - afdeling woonzorgcentrum Rozenberg: realiseren van een dagverzorgingscentrum en/of assistentiewoningen: goedkeuren van de selectieleidraad 'Concessie voor werken voor de bouw en de exploitatie van een nieuw woonzorgcentrum Ter Lembeek en de herbestemming van de huidige site voor het lokaal bestuur Wielsbeke met de mogelijke toevoeging van de bouw van een dagopvangcentrum en assistentiewoningen voor het lokaal bestuur Oostrozebeke'.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 4 februari 2021 betreffende departement Zorg - afdeling woonzorgcentrum Rozenberg: realiseren van een dagverzorgingscentrum en/of assistentiewoningen: samenstelling van de projectstuurgroep: wijziging.
Besluit van het vast bureau van 22 april 2020 betreffende departement Zorg - afdeling woonzorgcentrum Rozenberg: realiseren van een dagverzorgingscentrum en/of assistentiewoningen: aanpassen van de selectieleidraad 'Concessie voor werken voor de bouw en de exploitatie van een nieuw woonzorgcentrum Ter Lembeek en de herbestemming van de huidige site voor het lokaal bestuur Wielsbeke met de mogelijke toevoeging van de bouw van een dagopvangcentrum en assistentiewoningen voor het lokaal bestuur Oostrozebeke' en goedkeuren van het 'Rechtzettingsbericht - Verdaging limietdatum en -uur indiening aanvragen tot deelneming'.
Besluit van het vast bureau van 17 juni 2020 betreffende departement Zorg - afdeling woonzorgcentrum Rozenberg: realiseren van een dagverzorgingscentrum en/of assistentiewoningen: kennisname van het besluit van het vast bureau van Wielsbeke van 10 juni 2020 betreffende de selectie van de kandidaten.
Besluit van het vast bureau van 17 maart 2021 betreffende departement Zorg - afdeling woonzorgcentrum Rozenberg: realiseren van een dagverzorgingscentrum en/of assistentiewoningen: goedkeuren van de dialoognota 'Concessie voor de verbouwing en bouw en de exploitatie van bejaardenwoningen, een lokaal dienstencentrum en assistentiewoningen in een participatieve samenwerking, in het licht van de oprichting van een OCMW-vereniging (Titel 4, Hoofdstuk 2 Decreet over het Lokaal Bestuur)'.
Besluit van 1 april 2021 van de raad voor maatschappelijk welzijn betreffende de bekrachtiging van het besluit van het vast bureau van 17 maart 2021 betreffende departement Zorg - afdeling woonzorgcentrum Rozenberg: realiseren van een dagverzorgingscentrum en/of assistentiewoningen: goedkeuren van de dialoognota 'Concessie voor de verbouwing en bouw en de exploitatie van bejaardenwoningen, een lokaal dienstencentrum en assistentiewoningen in een participatieve samenwerking, in het licht van de oprichting van een OCMW-vereniging (Titel 4, Hoofdstuk 2 Decreet over het Lokaal Bestuur)'.
Besluit van 6 mei 2021 van de raad voor maatschappelijk welzijn betreffende het realiseren van een dagverzorgingscentrum en/of assistentiewoningen: stopzetten van de procedure 'Concessie voor werken voor de bouw en de exploitatie van een nieuw woonzorgcentrum Ter Lembeek en de herbestemming van de huidige site voor het lokaal bestuur Wielsbeke met de mogelijke toevoeging van de bouw van een dagopvangcentrum en assistentiewoningen voor het lokaal bestuur Oostrozebeke'.
Besluit van 7 juli 2022 van de raad voor maatschappelijk welzijn betreffende het ontwikkelen van een woonzorgsite in Oostrozebeke door de oprichting van een lokaal dienstencentrum en woningen voor senioren en personen met een beperking, inbegrepen de uitbating en het beheer ervan: goedkeuren van de selectieleidraad en samenstellen van de stuurgroep.
Besluit van 21 september 2022 van het vast bureau betreffende het ontwikkelen van een woonzorgsite in Oostrozebeke door de oprichting van een lokaal dienstencentrum en woningen voor senioren en personen met een beperking, inbegrepen de uitbating en het beheer ervan: goedkeuren van het selectieverslag (enige kandidaat team CURANDO - CONSORTIUM AIKO-ARCHITECTEN -DERTIEN12 - VANDENBUSSCHE -CURANDO, wordt weerhouden).
Voor de invulling en realisatie van de ‘woonzorgsite’ naast het bestaand woonzorgcentrum Rozenberg wenst het lokaal bestuur samen te werken met een private of publieke partner.
Via een procedure volgens de wetgeving op de overheidsopdrachten gaat het bestuur op zoek naar een geschikte partner die mede kan instaan voor:
op basis van een langlopend zakelijk recht van 50 jaar op de gronden van het OCMW (erfpacht of opstal - ten algemene nutte, kosteloos/tegen een contractueel te bepalen canon in functie van de afgesproken en te behalen sociale beleidsdoelstellingen van het OCMW van Oostrozebeke), en binnen een transparante en laagdrempelige samenwerkingsstructuur of op termijn binnen een op te richten vereniging.
In de eerste fase van deze overheidsopdracht, de selectiefase, werden kandidaat-partners gezocht.
De selectieleidraad bood de kandidaten de algemene informatie over de opdracht en het verder verloop van de plaatsingsprocedure zodat zij in staat waren voldoende inzicht in de opdracht en in de plaatsingsprocedure te verkrijgen en een aanvraag tot deelneming in te dienen.
De selectieleidraad ‘Overheidsopdracht voor de ontwikkeling van een woonzorgsite in Oostrozebeke door de oprichting van een lokaal dienstencentrum en woningen voor senioren en personen met een beperking, inbegrepen de uitbating en het beheer ervan’ werd uiteindelijk goedgekeurd in de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 juli 2022.
De beoordelingscommissie, die samengesteld moet worden om het project in goede banen te leiden, wordt nominatief vastgesteld.
In de huidige fase van de plaatsingsprocedure, de gunningsfase, zal de enige geselecteerde (zie hoger) verzocht worden op basis van het goed te keuren bestek (voorwerp van deze beslissing) een voorstel voor de uitvoering van de opdracht uit te werken en om dit in een offerte aan te bieden, vervolgens (desgevallend) deel te nemen aan de onderhandelingen en daarna (desgevallend) een BAFO (lees: Best and Final Offer) in te dienen.
De opdracht wordt toegewezen aan de economisch meest voordelige inschrijver, op basis van de in het goed te keuren bestek (voorwerp van deze beslissing) opgenomen gunningscriteria.
Toelichting door mevrouw Carine Geldhof, 1ste schepen.
De nodige budgetten worden bij aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 ingeschreven bij het actieplan 132: uitbouwen van een zorgzone, actie 1321: oprichten en beheren van een lokaal dienstencentrum en van woningen voor senioren en personen met een beperking.
niet van toepassing
Mevrouwen Braeckevelt en Lefebre en de heer Vandenbroucke, raadsleden, en de heer Vereecke, algemeen directeur.
Artikel 1
Het bestek voor de overheidsopdracht voor de ontwikkeling van een woonzorgsite in Oostrozebeke door de oprichting van een lokaal dienstencentrum en woningen voor senioren en personen met een beperking, inbegrepen de uitbating en het beheer ervan wordt goedgekeurd.
Artikel 2
De beoordelingscommissie wordt als volgt samengesteld:
Het projectsecretariaat wordt waargenomen door Rasschaert Advocaten, met kantoren te 9620 Leeuwergem (Zottegem), Gentse Steenweg, 323 (wrasschaert@rasschaertadvocaten.be en mpeferoen@rasschaertadvocaten.be - Tel. +32 9 396 81 60).
Artikel 3
Het college van burgemeester en schepenen zal de opdracht vervolgens plaatsen/ gunnen, op basis van het advies van de beoordelingscommissie en (desgevallend) na onderhandelingen met de inschrijver.
De e-mail van raadslid Marleen Lefebre van 5 juli 2023 namens de fractie INSPRAAK.nu.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 7 maart 2019 betreffende huishoudelijk reglement van de OCMW-raad, hhet laatst gewijzigd bij besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 27 januari 2022, inzonderheid artikel 12.
De vragen van de raadslid Annelies Braeckevelt.
De antwoorden van Carine Geldhof, schepen.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Er wordt geen besluit genomen.
De voorzitter sluit de zitting op 06/07/2023 om 21:53.
Namens raad voor maatschappelijk welzijn,
Carl Vereecke
algemeen directeur
Anne-Sophie Verschoore
schepen-voorzitter