De voorzitter opent de zitting op 06/07/2023 om 21:54.
Brief van 3 mei 2023 van het stadsbestuur Waregem betreffende betreffende uitstel vernieuwing station Waregem.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij decreet van 17 februari 2023 tot wijziging van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Op 2 mei 2023 heeft de Waregemse gemeenteraad eenparig een motie goedgekeurd naar aanleiding van de beslissing van de NMBS om de aanpassingen aan het station in Waregem opnieuw met tien jaar uit te stellen.
Met deze motie wil het stadsbestuur van Waregem en meteen de gemeenteraad van Oostrozebeke geen langer uitstel meer van de vernieuwing van het station van Waregem, waarbij:
Toelichting door mevrouw Verschoore, schepen.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Artikel 1
De motie van de gemeenteraad van het stadsbestuur Waregem betreffende uitstel vernieuwing station Waregem wordt goedgekeurd, waarbij:
Volgende motie wordt goedgekeurd:
"Met verstomming en verbazing vernamen we van de stad Waregem het (oude, bekende) nieuws dat het station van Waregem, opnieuw, niet zal aangepakt worden tijdens de huidige investeringsronde van de NMBS.
Meer nog, dit zal niet gebeuren voor 2032.
Reeds meer dan 20 jaar is stad Waregem vragende partij om het station beter toegankelijk te maken voor iedereen.
Dit is het voornaamste, meer vragen we samen met de stad Waregem eigenlijk niet.
We willen dat iedereen, ook personen die niet goed te been zijn, rolstoelgebruikers, ouders met kinderwagens en reizigers met koffers op een comfortabele manier de trein kunnen nemen vanuit het station in Waregem.
We zijn 2023 en slagen er nog steeds niet in om onder andere het Verdrag voor de rechten van personen met een handicap, dat bekrachtigd werd door België op 2 juli 2009, na te leven.
Onlangs was er in de media bericht over het controleren van de toegankelijkheid van publieke gebouwen.
Dat is verplicht.
Dat moet nageleefd worden.
Maar een overheidsinstantie als NMBS wenst geen prioriteit te geven aan de basistoegankelijkheid voor personen met een beperking.
Ook zijn er allerlei aanmoedigingen om minder de auto te nemen en zo voor ons klimaat te zorgen maar de Oostrozebekenaar wordt bijna verplicht om toch die wagen te nemen, wil die buiten de stad gaan werken, sporten, sociale contacten ondernemen, naar de luchthaven gaan enzoverder.
Met alle fracties van de gemeenteraad van Oostrozebeke vragen we om dit horrorscenario te herzien.
We willen samen met de stad Waregem liften of toegang tot beide perrons en wensen een perronverhoging zodat er niet in de trein moet geklommen worden, maar dat dit op een comfortabele manier kan gebeuren.
We willen basis toegankelijkheid.
We willen waar iedereen recht op heeft.
Gelet op de vraag van alle pendelaars, senioren, mensen met een beperking, gezinnen met jonge kinderen, reizigers, kotstudenten... dringen alle gemeenteraadsleden van de gemeente Oostrozebeke er bij de verantwoordelijken van de NMBS, van Infrabel, Minister van mobiliteit en NMBS, Georges Gilkinet, Vlaams Minister van Gelijke Kansen, Bart Somers, en federaal staatssecretaris voor Gelijke Kansen, Marie-Colline Leroy, op aan om dringend werk te maken van het aanpassen van het NMBS station zodat Waregem, die als 5e grootste stad van West-Vlaanderen een bijzondere regiofunctie heeft, kan beschikken over een comfortabel en voor iedereen toegankelijk stationsgebouw dat de draaischijf van het openbaar vervoer in onze stad en de brede omgeving kan zijn."
Artikel 2
Deze goedgekeurde motie wordt verstuurd aan:
Volgens het artikel 219 van het decreet over het lokaal bestuur rapporteert de algemeen directeur jaarlijks aan het college van burgemeester en schepenen, de gemeenteraad, de raad voor maatschappelijk welzijn en het vast bureau over de organisatiebeheersing.
Die rapportering gebeurt jaarlijks uiterlijk vóór 30 juni van het daaropvolgende jaar.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, meer bepaald artikel 219.
De rapportering organisatiebeheersing 2022 werd besproken worden op vergadering van april 2023 van het managementteam.
De leden van het managementteam hebben elk voor hun departement, afdeling en/of diensten aanvullingen en aanpassingen ingebracht in het voorontwerp van rapport voor de organisatiebeheersing 2023.
Het managementteam heeft het afgewerkt voorontwerp besproken op haar vergadering van 16 mei 2023 zodat het niet meer tijdig op de agenda van 1 juni 2023 van de raad voor maatschappelijk welzijn kon worden geagendeerd voor kennisname, doch wel op de agenda van de daaropvolgende vergadering van 6 juli 2023.
Aan de financieel directeur werd gevraagd om het financieel luik in het voorontwerp van rapport 2022 eens te controleren voor zijn aandeel (financiële dienst), aan te passen en/of aan te vullen.
Dit kon wegens ziekteverlof niet aangevuld worden voor de vergadering van 18 april 2023.
De algemeen directeur heeft in het rapport 2022 ook de planning voor 2023 overlopen.
Alle geplande initiatieven voor 2023 zijn lopende en worden verder opgevolgd.
Het MAT verleende op haar vergadering van 16 mei 2023 gunstig advies aan het rapport 2022.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
De raad neemt kennis van het rapport over organisatiebeheersing 2022.
De jaarrekening 2022 van de gemeente moet vastgesteld worden.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale] besturen, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 7 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale (ing. MB 12 september 2018, art. 1, I: 1 januari 2020)] besturen, het laatst gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Het besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel gemeente: vaststellen.
Het besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 3 juni 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 juni 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 2 december 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 (BP2020_2025_4) van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 december 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 (BP2020_2025_4) van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juni 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juni 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 (BP2020_2025_6) van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 (BP2020_2025_6) van het deel OCMW: goedkeuren.
Gunstig advies van het managementteam van 20 juni 2023.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur reikt oplossingen aan om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken, met respect voor de verschillende rechtspersonen, die erbij betrokken zijn.
Daaruit volgt dat de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) een gezamenlijke (geconsolideerde) jaarrekening opmaken, dat door beide raden wordt vastgesteld.
Op die manier kan een geïntegreerd lokaal sociaal beleid maximaal worden gerealiseerd: beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de gemeente vervlochten zijn.
De gemeente en haar OCMW vormen samen 1 rapporteringsentiteit en maken één geïntegreerde jaarrekening.
Daarin wordt de financiële toestand van die twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld.
Omdat elke afzonderlijke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in de geconsolideerd jaarrekening een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de gemeente en die van het OCMW.
Dat komt tot uiting in het schema met de realisatie van de kredieten (schema J3), waarin de kredieten voor de gemeente en het OCMW apart worden opgenomen.
De gemeentelijke bijdrage voor het OCMW is niet meer opgenomen in het meerjarenplan.
De gemeente moet wel zorgen dat het OCMW haar financiële verplichtingen kan nakomen.
Dit heeft als gevolg dat de tussenkomst van de gemeente in het kader van het thesauriebeheer van het OCMW niet gebudgetteerd wordt, maar wel jaarlijks geboekt wordt in de resultaatverwerking bij de jaarrekening.
De gemeente verleent een tussenkomst in het boekhoudkundig tekort van basis van het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW.
De jaarrekening wordt vastgesteld voor 30 juni van het boekjaar volgend op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft.
Die besluitvorming kan het best als volgt verlopen:
Het ontwerp van geconsolideerde jaarrekening bevat volgende documenten:
Toelichting van de heer De Marez, schepen, en de heer Masschaele, financieel directeur.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Artikel 1
De jaarrekening voor het boekjaar 2022 van het deel van de gemeente wordt samen met de verplichte bijlagen vastgesteld.
De financiële toestand van de jaarrekening voor het boekjaar 2022 van het deel van de gemeente is als volgt:
Het budgettaire resultaat boekjaar van het deel van de gemeente bedraagt 2 387 062 euro.
Het gecumuleerde budgettaire resultaat van het vorig boekjaar van het deel van de gemeente bedraagt 7 061 735 euro.
Het gecumuleerde budgettaire resultaat van het deel de gemeente bedraagt 9 448 796 euro.
Er zijn geen onbeschikbare reserves bij het deel van de gemeente.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het deel van de gemeente bedraagt 9 448 796 euro.
De autofinancieringsmarge van het deel van de gemeente bedraagt 2 012 627 euro.
Artikel 2
De financiële toestand van de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar 2022 is als volgt:
Het geconsolideerd budgettaire resultaat boekjaar bedraagt 1 676 708 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerde budgettaire resultaat van het vorig boekjaar bedraagt 7 917 859 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerde budgettaire resultaat bedraagt 9 594 567 euro.
Er zijn geen onbeschikbare reserves.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat bedraagt 9 594 567 euro.
De geconsolideerd autofinancieringsmarge bedraagt 1 382 847 euro.
De geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge bedraagt 1 209 763 euro.
Artikel 3
De geconsolideerde balans voor het boekjaar 2022 wordt vastgesteld.
Het geconsolideerde balanstotaal bedraagt 61 680 837 euro.
Artikel 4
De geconsolideerde staat van opbrengsten en kosten voor het boekjaar 2022 wordt vastgesteld.
Het operationeel overschot bedraagt 545 928 euro.
Het financieel overschot bedraagt 269 399 euro.
Het overschot van het boekjaar bedraagt 815 327 euro.
Artikel 5
De gemeente verleent een tussenkomst in het boekhoudkundig tekort van basis van het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW, voor 2022 betekent dit: 710 354 euro.
De jaarrekening 2022 van het OCMW moet goedgekeurd worden.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale] besturen, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 7 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale (ing. MB 12 september 2018, art. 1, I: 1 januari 2020)] besturen, het laatst gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 3 juni 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 juni 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 december 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 december 2021 betreffende meerjarenplanaanpassing 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juni 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juni 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 8 december 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende meerjarenplanaanpassing 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 van het deel OCMW: goedkeuren.
Gunstig advies van het managementteam van 20 juni 2023.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur reikt oplossingen aan om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken, met respect voor de verschillende rechtspersonen, die erbij betrokken zijn.
Daaruit volgt dat de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) een gezamenlijke (geconsolideerde) jaarrekening opmaken, dat door beide raden wordt vastgesteld.
Op die manier kan een geïntegreerd lokaal sociaal beleid maximaal worden gerealiseerd: beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de gemeente vervlochten zijn.
De gemeente en haar OCMW vormen samen 1 rapporteringsentiteit en maken één geïntegreerde jaarrekening.
Daarin wordt de financiële toestand van die twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld.
Omdat elke afzonderlijke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in de geconsolideerd jaarrekening een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de gemeente en die van het OCMW.
Dat komt tot uiting in het schema met de realisatie van de kredieten (schema J3), waarin de kredieten voor de gemeente en het OCMW apart worden opgenomen.
De gemeentelijke bijdrage voor het OCMW is niet meer opgenomen in het meerjarenplan.
De gemeente moet wel zorgen dat het OCMW haar financiële verplichtingen kan nakomen.
Dit heeft als gevolg dat de tussenkomst van de gemeente in het kader van het thesauriebeheer van het OCMW niet gebudgetteerd wordt, maar wel jaarlijks geboekt wordt in de resultaatverwerking bij de jaarrekening.
De gemeente verleent een tussenkomst in het boekhoudkundig tekort van basis van het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW.
De jaarrekening wordt vastgesteld voor 30 juni van het boekjaar volgend op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft.
Die besluitvorming kan het best als volgt verlopen:
Het ontwerp van geconsolideerde jaarrekening bevat volgende documenten:
Toelichting van de heer De Marez, schepen, en de heer Masschaele, financieel directeur.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Besluit,
Artikel 1
De jaarrekening voor het boekjaar 2022 van het deel van het OCMW wordt samen met de verplichte bijlagen goedgekeurd.
De financiële toestand van de jaarrekening voor het boekjaar 2022 van het deel van het OCMW is als volgt:
Het budgettaire resultaat boekjaar van het deel van het OCMW bedraagt -710 354 euro.
Het gecumuleerde budgettaire resultaat van het vorig boekjaar van het deel van het OCMW bedraagt 856 124 euro.
Het gecumuleerde budgettaire resultaat van het deel van het OCMW bedraagt 145 770 euro.
Er zijn geen onbeschikbare reserves van het deel van het OCMW.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het deel van het OCMW bedraagt 145 770 euro.
De autofinancieringsmarge van het deel van het OCMW bedraagt -629 780 euro.
Artikel 2
De financiële toestand van de geconsolideerde jaarrekening voor het boekjaar 2022 is als volgt:
Het geconsolideerd budgettaire resultaat boekjaar bedraagt 1 676 708 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerde budgettaire resultaat van het vorig boekjaar bedraagt 7 917 859 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerde budgettaire resultaat bedraagt 9 594 567 euro.
Er zijn geen onbeschikbare reserves.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat bedraagt 9 594 567 euro.
De geconsolideerd autofinancieringsmarge bedraagt 1 382 847 euro.
De geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge bedraagt 1 209 763 euro.
Artikel 3
De geconsolideerde balans voor het boekjaar 2022 wordt vastgesteld.
Het geconsolideerde balanstotaal bedraagt 61 680 837 euro.
Artikel 4
De geconsolideerde staat van opbrengsten en kosten voor het boekjaar 2022 wordt vastgesteld.
Het operationeel overschot bedraagt 545 928 euro.
Het financieel overschot bedraagt 269 399 euro.
Het overschot van het boekjaar bedraagt 815 327 euro.
Artikel 5
De gemeente verleent een tussenkomst in het boekhoudkundig tekort van basis van het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW, voor 2022 betekent dit: 710 354 euro.
De gemeenteraad stelt haar deel van meerjarenplanaanpassing 7 2020 - 2025: Raad 06_07_2023 (BP2020_2025_5) vast.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale] besturen, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 7 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale (ing. MB 12 september 2018, art. 1, I: 1 januari 2020)] besturen, het laatst gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Omzendbrief KBBJ/ABB-2020/3 van 18 september over de aanpassing van de meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.
Het besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel gemeente: vaststellen.
Het besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 3 juni 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 juni 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 2 december 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 (BP2020_2025_4) van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 december 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 (BP2020_2025_4) van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juni 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juni 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 (BP2020_2025_6) van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 (BP2020_2025_6) van het deel OCMW: goedkeuren.
Gunstig advies van het managementteam van 20 juni 2023.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur reikt oplossingen aan om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken, met respect voor de verschillende rechtspersonen, die erbij betrokken zijn.
Daaruit volgt dat de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) een gezamenlijk meerjarenplan opstellen, dat door beide raden wordt vastgesteld.
Op die manier kan een geïntegreerd lokaal sociaal beleid maximaal worden gerealiseerd: beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de gemeente vervlochten zijn.
Ook het financiële evenwicht wordt beoordeeld voor de gemeente en het OCMW samen.
Omdat elke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de gemeente en die van het OCMW.
Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (schema M3), waarin de kredieten voor de gemeente en het OCMW apart worden opgenomen.
Minstens een keer per jaar wordt het meerjarenplan aangepast, waarbij in elk geval de kredieten voor het volgende boekjaar worden vastgesteld.
Als dat nodig is, kunnen daarbij ook de kredieten voor het lopende boekjaar worden aangepast.
Daarnaast kan het meerjarenplan, als dat nodig is, ook worden aangepast om alleen de kredieten voor het lopende boekjaar aan te passen.
Bij elke aanpassing van het meerjarenplan wordt het resultaat van de intussen vastgestelde jaarrekeningen verwerkt.
De goedkeuring van de gemeenteraad is nodig omdat de gemeente de financiële gevolgen moet dragen van de keuzes, die de raad voor maatschappelijk welzijn maakt.
Die besluitvorming kan het best als volgt verlopen:
• de raad voor maatschappelijk welzijn stelt eerst zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad stelt vervolgens zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad keurt ten slotte het deel goed dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld.
Het ontwerp van aanpassing meerjarenplan bevat volgende documenten:
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Artikel 1
De meerjarenplanaanpassing 7 2020 - 2025: Raad 06_07_2023 (BP2020_2025-7) bestaande uit de strategische nota, het financieel doelstellingenplan (M1), de staat van het financieel evenwicht (M2), de staat van het financieel evenwicht: wijzigingsvariant (M2W) en het overzicht van de kredieten (M3) wordt vastgesteld.
Artikel 2
Het budgettair resultaat van het boekjaar van de gemeente in 2025 bedraagt: 1 374 378,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van de gemeente in 2025 bedraagt: 7 304 776,00 euro en het gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt: 8 679 154,00 euro.
Het beschikbaar budgettair resultaat van de gemeente in 2025 bedraagt 8 679 154,00 euro.
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
De autofinancieringsmarge boekjaar van de gemeente in 2025 bedraagt: 1 880 070,00 euro.
Artikel 3
Het budgettair resultaat van het boekjaar van de gemeente in 2023 bedraagt: -2 804 992,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van de gemeente in 2023 bedraagt: 8 738 442,00 euro en het gecumuleerd budgettair resultaat 2023 bedraagt: 5 933 450,00 euro.
Het beschikbaar budgettair resultaat van de gemeente in 2023 bedraagt 5 933 450,00 euro.
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
De autofinancieringsmarge boekjaar van de gemeente in 2023 bedraagt: 1 592 142,00 euro.
De kredieten van de gemeente voor het boekjaar 2023 (M3) worden vastgesteld.
| Soort krediet |
Totaal bedrag voor 2023 |
| Totaal exploitatie-uitgaven |
9 910 935,00 |
| Totaal exploitatie-ontvangsten |
12 236 412,00 |
| Totaal investerings-uitgaven |
7 566 449,00 |
| Totaal investerings-ontvangsten |
3 049 789,00 |
| Totaal financierings-uitgaven |
756 747,00 |
| Totaal financierings-ontvangsten |
142 937,00 |
Artikel 4
Het geconsolideerd budgettair resultaat van het boekjaar in 2025 bedraagt: -519 530,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar in 2025 bedraagt: 4 221 574,00 euro en het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt: 3 702 044,00 euro.
Er zijn geconsolideerd geen onbeschikbare gelden.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat in 2025 bedraagt: 3 702 044,00 euro.
De geconsolideerde autofinancieringsmarge boekjaar in 2025 bedraagt: 48 912,00 euro en de geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge in 2025 bedraagt: -41 143,00 euro.
De gemeenteraad keurt het deel van de meerjarenplanaanpassing 7 2020 - 2025: Raad 06_07_2023 van het OCMW goed.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale] besturen, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 7 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningen-stelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale [en de provinciale (ing. MB 12 september 2018, art. 1, I: 1 januari 2020)] besturen, het laatst gewijzigd bij ministerieel besluit van 12 september 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen.
Omzendbrief KBBJ/ABB-2020/3 van 18 september 2020 over de aanpassing van de meerjarenplannen 2020-2025 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 5 december 2019 betreffende meerjarenplan 2020-2025 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juli 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 1 2020-2025 van het deel OCMW goedkeuren.
Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 december 2020 betreffende aanpassing meerjarenplan 2 2020 - 2025: Raad 03_12_2020(BP2020_2025-2) van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 3 juni 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 3 juni 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 3 2020 - 2025: Raad 03_06_2021 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 2 december 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 (BP2020_2025_4) van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 december 2021 betreffende aanpassing meerjarenplan 4 2020 - 2025: Raad 02_12_2021 (BP2020_2025_4) van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juni 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 2 juni 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 5 2020 - 2025: Raad 02_06_2022 van het deel OCMW: goedkeuren.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 (BP2020_2025_6) van het deel gemeente: vaststellen.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende aanpassing meerjarenplan 6 2020 - 2025: Raad 08_12_2022 (BP2020_2025_6) van het deel OCMW: goedkeuren.
Gunstig advies van het managementteam van 20 juni 2023.
Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur reikt oplossingen aan om een echt geïntegreerd lokaal sociaal beleid mogelijk te maken, met respect voor de verschillende rechtspersonen, die erbij betrokken zijn.
Daaruit volgt dat de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW) een gezamenlijk meerjarenplan opstellen, dat door beide raden wordt vastgesteld.
Op die manier kan een geïntegreerd lokaal sociaal beleid maximaal worden gerealiseerd: beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de gemeente vervlochten zijn.
Ook het financiële evenwicht wordt beoordeeld voor de gemeente en het OCMW samen.
Omdat elke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de gemeente en die van het OCMW.
Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (schema M3), waarin de kredieten voor de gemeente en het OCMW apart worden opgenomen.
Minstens een keer per jaar wordt het meerjarenplan aangepast, waarbij in elk geval de kredieten voor het volgende boekjaar worden vastgesteld.
Als dat nodig is, kunnen daarbij ook de kredieten voor het lopende boekjaar worden aangepast.
Daarnaast kan het meerjarenplan, als dat nodig is, ook worden aangepast om alleen de kredieten voor het lopende boekjaar aan te passen.
Bij elke aanpassing van het meerjarenplan wordt het resultaat van de intussen vastgestelde jaarrekeningen verwerkt.
De gemeente en het OCMW hebben een geïntegreerd meerjarenplan maar hebben wel nog hun eigen bevoegdheid voor de vaststelling ervan.
Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst zijn eigen deel van het meerjarenplan vaststellen.
Daarna kan de gemeenteraad het deel van het meerjarenplan dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor het meerjarenplan definitief is vastgesteld.
De goedkeuring van de gemeenteraad is nodig omdat de gemeente de financiële gevolgen moet dragen van de keuzes, die de raad voor maatschappelijk welzijn maakt.
Die besluitvorming kan het best als volgt verlopen:
• de raad voor maatschappelijk welzijn stelt eerst zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad stelt vervolgens zijn deel van de aanpassing meerjarenplan vast;
• de gemeenteraad keurt ten slotte het deel goed dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld.
Het ontwerp van aanpassing meerjarenplan 3 bevat volgende documenten:
niet van toepassing
niet van toepassing
Mevrouw Lefebre, raadslid.
Artikel 1
De meerjarenplanaanpassing 7 2020 - 2025: Raad 06_07_2023 van het OCMW, bestaande uit de strategische nota, het financieel doelstellingenplan (M1), de staat van het financieel evenwicht (M2), de staat van het financieel evenwicht: wijzigingsvariant (M2W) en het overzicht van de kredieten (M3) wordt goedgekeurd.
Artikel 2
Het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW in 2025 bedraagt: -1 893 908,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van het OCMW in 2025 bedraagt: -3 083 202,00 euro en het gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt: -4 977 110,00 euro.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het OCMW in 2025 bedraagt -4 977 110,00 euro.
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
De autofinancieringsmarge boekjaar van het OCMW in 2025 bedraagt: -1 831 158,00 euro.
Artikel 3
Het budgettair resultaat van het boekjaar van het OCMW in 2023 bedraagt: -2 147 385,00 euro.
Het gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar van het OCMW in 2023 bedraagt: 856 124,00 euro en het gecumuleerd budgettair resultaat 2023 bedraagt: -1 291 260,00 euro.
Het beschikbaar budgettair resultaat van het OCMW in 2023 bedraagt -1 291 260,00 euro.
Er zijn geen onbeschikbare gelden.
De autofinancieringsmarge boekjaar van het OCMW in 2023 bedraagt: -1 679 967,00 euro.
De kredieten van het OCMW voor het boekjaar 2023 (M3) worden vastgesteld.
| Soort krediet |
Totaal bedrag voor 2023 |
| Totaal exploitatie-uitgaven |
7 717 409,00 |
| Totaal exploitatie-ontvangsten |
6 245 467,00 |
| Totaal investerings-uitgaven |
632 418,00 |
| Totaal investerings-ontvangsten |
165 000,00 |
| Totaal financierings-uitgaven |
208 025,00 |
| Totaal financierings-ontvangsten |
0,00 |
Artikel 4
Het geconsolideerd budgettair resultaat van het boekjaar in 2025 bedraagt: -519 530,00 euro.
Het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar in 2025 bedraagt: 4 221 574,00 euro en het geconsolideerd gecumuleerd budgettair resultaat 2025 bedraagt: 3 702 044,00 euro.
Er zijn geconsolideerd geen onbeschikbare gelden.
Het geconsolideerd beschikbaar budgettair resultaat in 2025 bedraagt: 3 702 044,00 euro.
De geconsolideerde autofinancieringsmarge boekjaar in 2025 bedraagt: 48 912,00 euro en de geconsolideerde gecorrigeerde autofinancieringsmarge in 2025 bedraagt: -41 143,00 euro.
De gemeenteraad is exclusief bevoegd om de nominatieve subsidies toe te kennen.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Besluit van de gemeenteraad van 8 december 2022 betreffende nominatieve subsidies 2023: toekennen.
Beraad van het college van burgemeester en schepenen van 14 juni 2023 betreffende GR- Nominatieve subsidies 2023: toekennen.
Besluit van de gemeenteraad van 6 juli 2023 betreffende Meerjarenplanaanpassing 7 2020 - 2025: Raad 06_07_2023 van het deel gemeente: vaststellen.
Artikel 41, tweede lid, 23° van het decreet over het lokaal bestuur, stelt dat de bevoegdheid om nominatieve subsidies toe te kennen een exclusieve bevoegdheid is van de gemeenteraad.
De toegekende nominatieve subsidies voor 2023 worden aangepast, en zijn opgenomen in het vastgestelde en door de gemeenteraad goedgekeurde Meerjarenplanaanpassing 7 2020 - 2025: Raad 06_07_2023 (BP2020_2025-7).
Toelichting van de heer Van D'huynslager, schepen.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Artikel 1
De nominatieve subsidies 2023 worden toegekend:
Planningsrapport: Meerjarenplanaanpassing 7 2020 - 2025: Raad 06_07_2023 (BP2020_2025-7) - Periode: 2023
BP2020_2025-7/2023/753/0112-00/6493001/GEMEENTE/CBS/500/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan de vriendenkring van het gemeentepersoneel
Begunstigde: Vriendenkring gemeentepersoneel Boze Oorsekte
Bedrag: 750,00
BP2020_2025-7/2023/113/0150-00/6493401/GEMEENTE/CBS/600/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies mayors for peace
Begunstigde: Mayors for peace
Bedrag: 50,00
BP2020_2025-7/2023/2212/0171-00/6494506/GEMEENTE/CBS/440/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan ILV Associatie Midwest / DVV Midwest
Begunstigde: DVV Midwest (dienstv.)
Bedrag: 15.182,00
BP2020_2025-7/2023/113/0349-00/6494514/GEMEENTE/CBS/800/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan Wildbeheereenheid - De Mandelvallei vzw
Begunstigde: WBE De Mandelvallei vzw
Bedrag: 150,00
BP2020_2025-7/2023/215/0400-00/6640502/GEMEENTE/CBS/460/IP-GEEN/U
Toegestane investeringssubsidies aan de politiezone
Begunstigde: MIDOW (pz)
Bedrag: 41.575,00
BP2020_2025-7/2023/215/0400-00/6494502/GEMEENTE/CBS/460/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan de politiezone
Begunstigde: MIDOW (pz)
Bedrag: 775.718,00
BP2020_2025-7/2023/213/0410-00/6494505/GEMEENTE/CBS/470/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan de brandweerzone / hulpverleningszone
Begunstigde: ZONE MIDWEST (hvz)
Bedrag: 186.430,00
BP2020_2025-7/2023/213/0410-00/6640506/GEMEENTE/CBS/470/IP-GEEN/U
Toegestane investeringssubsidies brandweer / hulpverleningszone
Begunstigde: ZONE MIDWEST (hvz)
Bedrag: 43.817,00
BP2020_2025-7/2023/113/0430-00/6493002/GEMEENTE/CBS/500/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan de vriendenkring van de civiele bescherming
Begunstigde: Civiele Bescherming (fv)
Bedrag: 250,00
BP2020_2025-7/2023/113/0440-00/6494509/GEMEENTE/CBS/800/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan de M.U.G.
Begunstigde: Sint-Andriesziekenhuis vzw + M.U.G.
Bedrag: 2.635,00
BP2020_2025-7/2023/113/0440-00/6494519/GEMEENTE/CBS/800/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidie aan De Mantel
Begunstigde: De Mantel vzw
Bedrag: 900,00
BP2020_2025-7/2023/1131/0709-00/6493200/GEMEENTE/CBS/500/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan cultuurverenigingen
Begunstigde: Rode Kruis Oostrozebeke (fv)
Bedrag: 610,00
Begunstigde: Samana Oostrozebeke (fv)
Bedrag: 610,00
BP2020_2025-7/2023/113/0709-00/6493201/GEMEENTE/CBS/500/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan vaderlandslievende verenigingen
Begunstigde: NSB 40-45 (fv)
Bedrag: 298,00
BP2020_2025-7/2023/1131/0741-00/6493000/GEMEENTE/CBS/800/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan verenigingen
Begunstigde: Ginsteloop
Bedrag: 165,00
Begunstigde: Harddraversmaatschappij De Mandel
Bedrag: 7.900,00
Begunstigde: Koninklijke Wielerclub Sporting
Bedrag: 7.900,00
BP2020_2025-7/2023/1131/0741-00/6493100/GEMEENTE/CBS/800/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan sportverenigingen
Begunstigde: Duivenclub Onze Belangen (fv)
Bedrag: 50,00
Begunstigde: Koninklijke Vinkeniersmaatschappij De Verenigde Vrienden vzw
Bedrag: 125,00
Begunstigde: Vrij Polen Manillers (fv)
Bedrag: 50,00
BP2020_2025-7/2023/962/0750-00/6493301/GEMEENTE/CBS/800/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies jeugdhuis 't Ipperste
Begunstigde: Jeugdhuis 't Ipperste
Bedrag: 4.000,00
BP2020_2025-7/2023/221/0790-00/6494503/GEMEENTE/CBS/480/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan de kerkfabriek Sint-Amand
Begunstigde: Kerkfabriek Sint-Amandus (VL - Oostrozebeke) (oi)
Bedrag: 91.483,00
BP2020_2025-7/2023/221/0790-00/6494510/GEMEENTE/CBS/480/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan kerkfabriek Sint-Jozef
Begunstigde: Kerkfabriek Sint-Jozef te De Ginste (VL - Oostrozebeke) (oi)
Bedrag: 20.816,00
BP2020_2025-7/2023/221/0790-00/6640503/GEMEENTE/CBS/480/IP-GEEN/U
Toegestane investeringssubsidies aan de kerkfabriek Sint-Amandus
Begunstigde: Kerkfabriek Sint-Amandus (VL - Oostrozebeke) (oi)
Bedrag: 5.000,00
BP2020_2025-7/2023/221/0790-00/6640504/GEMEENTE/CBS/480/IP-GEEN/U
Toegestane investeringssubsidies aan de kerkfabriek Sint-Jozef
Begunstigde: Kerkfabriek Sint-Jozef te De Ginste (VL - Oostrozebeke) (oi)
Bedrag: 5.000,00
BP2020_2025-7/2023/1341/0909-00/6493020/GEMEENTE/CBS/800/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan Dynamica
Begunstigde: Dynamica Meulebeke vzw
Bedrag: 500,00
BP2020_2025-7/2023/113/0911-00/6492501/GEMEENTE/CBS/800/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan Mivalti vzw
Begunstigde: Mivalti vzw
Bedrag: 1.131,00
BP2020_2025-7/2023/113/0945-00/6493512/GEMEENTE/CBS/500/IP-GEEN/U
Algemene werkingssubsidies aan Kind en Preventie
Begunstigde: Kind en Preventie Afdeling Oostrozebeke (fv)
Bedrag: 130,00.
E-mail van 30 mei 2023 van de woondienst regio Izegem betreffende overleg wonen en klimaat regio Izegem - verslag.
Besluit van 7 juni 2023 van het college van burgemeester en schepenen, waarbij het voorstel werd goedgekeurd om toe te werken naar een eigen erkenning als energiehuis voor de gemeenten, die deel uitmaken van de Woondienst.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Decreet van 8 mei 2009 (en latere wijzigingen) houdende algemene bepalingen betreffende het energiebeleid.
Energiebesluit van 19 november 2010, wat betreft maatregelen naar aanleiding van de energiecrisis, laatst gewijzigd bij besluit van 19 oktober 2022 van de Vlaamse Regering van 19 oktober 2022.
Ontwerp van Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Energiebesluit van 19 november 2010.µ
Besluit van 2 september 2021 van de gemeenteraad van Oostrozebeke betreffende de nieuwe samenwerkingsovereenkomst ENERGIEhuis WVI: goedkeuren.
Besluit van 7 juni 2023 van het college van burgemeester en schepenen betreffende wonen en klimaat - erkenning energiehuis regio Izegem.
1.
De 5 gemeenten die momenteel participeren in de Woondienst Regio Izegem hebben allen het lokaal energie- en klimaatpact ondertekend.
Het pact moet de basis leggen voor een structurele samenwerking tussen Vlaanderen en de lokale besturen, en moet door wederzijdse engagementen garant staan voor een krachtdadig lokaal klimaat- en energiebeleid.
Het pact is opgebouwd rond 4 “werven”, waarvan werf 2 ‘Verrijk je wijk’ de focus legt op de rol van huishoudens en particuliere woningen, die toch voor zo’n 30 à 40% verantwoordelijk zijn voor de CO2 uitstoot.
2.
Voor het uitvoeren van acties m.b.t. wonen en klimaat werken de 5 gemeenten momenteel samen met het energiehuis WVI.
Dit energiehuis heeft een groot werkingsgebied (32 gemeenten). We moeten echter vaststellen dat de acties te beperkt blijven om een versnelling hoger te kunnen schakelen inzake wonen en klimaat.
Er moeten gerichtere en intensievere acties uitgewerkt, ondersteund en opgevolgd worden om de renovatiegraad in de komende jaren fors te doen toenemen als we de doelstellingen uit het klimaatpact willen bereiken.
3.
Voor de financiering van initiatieven omtrent klimaat voorziet het Vlaams Energie en Klimaatagentschap (VEKA – bevoegdheid minister Demir) middelen voor de energiehuizen.
Het is belangrijk om hierbij aansluiting te vinden, teneinde de middelen optimaal te kunnen inzetten in onze regio.
Er wordt momenteel gewerkt aan een wijziging van het energiebesluit, waarbij o.m. de inhoudelijke opdrachten voor de energiehuizen scherper worden gesteld, maar tevens de subsidiëring substantieel wordt opgetrokken.
Voor geïntegreerde woon- en energieloketten is er een extra subsidiëring voorzien.
Er wordt verwacht dat de wijzigingen nog vóór het zomerreces zullen worden goedgekeurd.
Om ten volle de acties te kunnen uitvoeren die nodig zijn om de beoogde doelstellingen te behalen zal er wel bijkomende input van lokale middelen nodig zijn.
4.
Samen sterk(er) is steeds het leidmotief geweest van het samenwerkingsverband in de regio Izegem.
Door die krachtenbundeling zijn we er sinds 2004 in geslaagd om het woonbeleid een extra impuls te geven in elke gemeente.
Dit werd mogelijk gemaakt dankzij Vlaamse subsidies van het Agentschap Wonen in Vlaanderen (bevoegdheid minister Diependaele), in combinatie met een financiële inbreng van de lokale besturen.
Op die manier kon een goede dienstverlening m.b.t. wonen uitgebouwd worden, en kon door de inzet van voldoende medewerkers de continuïteit van die dienstverlening gegarandeerd worden (ook bv bij tijdelijke afwezigheid van een medewerker).
Deze Vlaamse erkenning en subsidiëring, alsook de afspraken tussen de Woondienst en de 5 gemeenten lopen tot eind 2025.
Er wordt momenteel gewerkt aan een nieuw besluit voor erkenning en subsidiëring van de intergemeentelijke initiatieven lokaal woonbeleid voor de volgende BBC-periode (2026 – 2031).
Dit zal vermoedelijk tegen eind 2023 (uiterlijk begin 2024) klaar zijn, zodat initiatiefnemers zich tijdig kunnen voorbereiden op het uitwerken van een nieuw dossier tegen medio 2025.
In dit nieuw besluit zal normaal gezien eveneens een sterke nadruk gelegd worden op de realisatie van een geïntegreerd woon- en energieloket.
5.
In het voorjaar 2023 zijn er 3 overlegmomenten doorgegaan met de burgemeesters en de schepenen bevoegd voor wonen van de 5 gemeenten met het oog op het versterken van de werking rond wonen en klimaat (resp. op 14/02/2023, 20/04/2023 en 25/05/2023).
Twee pistes werden concreet verkend, nl. het aangaan van een partnerschap met WVI (met grotere inzet van medewerkers in deze regio) of een eigen erkenning aanvragen als energiehuis voor de regio Izegem.
Na diverse contacten met o.m. VEKA, WVI, energiehuis Oostende, energieplatform Brugge en het recent opgestart energiehuis Leuven, en op basis van het voorgesteld scenario tijdens het overleg van 25/05/2023, werd er een principieel akkoord gegeven om toe te werken naar een eigen erkenning als energiehuis vanaf 2024.
6.
De presentatie die als leidraad diende voor het overleg op 25/03/2023 schetst meer in detail de mogelijkheden en de timing om een eigen erkenning aan te vragen.
Om de opstart van een eigen energiehuis mogelijk te maken vanaf 2024 is er een vrij strakke timing, met o.m. noodzakelijke communicatie in de maand juni naar WVI om vanaf 2024 niet langer onder dit energiehuis te werken, alsook de datum van 1 oktober om een erkenningsaanvraag in te dienen bij VEKA.
7.
M.b.t. het financieel scenario wordt geopteerd voor scenario (2) vermeld in de presentatie, met akkoord om eind 2024 een herberekening te maken voor de volledige BBC-periode (2026 – 2031).
Normaal gezien moet het dan mogelijk zijn om een eerste inschatting te kunnen maken over de prestatiegerichte vergoedingen en een meerjarenbegroting te kunnen maken tot 2031.
Voor de periode 2024 – 2026 wordt deels gebruik gemaakt van provisies van de Woondienst, maar die provisies kunnen niet zomaar verder aangewend worden tot 2031.
8.
Er is intussen een eerste schematisch overzicht uitgewerkt voor invulling van de opdrachten voor het energiehuis regio Izegem en de bijhorende (extra) personeelsinzet.
Het is de bedoeling om dit in de komende maanden verder uit te werken met het oog op het indienen van een erkenningsaanvraag bij VEKA.
9.
De gemeente participeert ook al enkele jaren in de kostendelende vereniging ‘Intergemeentelijke dienst energie’ van de WVI voor de inzet van een benocoach.
Aangezien renovatiebegeleiding voorzien wordt in de werking van het energiehuis regio Izegem, wordt voorgesteld om uit deze kostendelende vereniging te treden.
Artikel 11 van de samenwerkingsovereenkomst bepaalt dat de wens van een lid tot uittreding schriftelijk en op basis van een beslissing van het bevoegde orgaan van het lid, meegedeeld wordt aan de voorzitter en ondervoorzitter van de stuurgroep (per aangetekend schrijven).
Daarna volgt een onderhandelingstermijn van 6 maanden.
Indien na die 6 maanden geen oplossing wordt gevonden wordt de stopzettingsprocedure ingezet conform artikel 13 van de samenwerkingsovereenkomst.
Die houdt een automatische stopzetting in indien na 6 maanden geen oplossing werd gevonden bij de wens tot uittreding.
10.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 7 juni 2023 op vraag van de woondienst regio Izegem het voorstel principieel en onder voorbehoud van bekrachtiging door de eerstvolgende gemeenteraad goedgekeurd om toe te werken naar een eigen erkenning als energiehuis voor de gemeenten, die deel uitmaken van de Woondienst.
Toelichting door mevrouw Verschoore, schepen.
Scenario (2) vermeld in de presentatie ‘Overleg wonen en klimaat 25 mei 2023’.
niet van toepassing
De heer Vandenbroucke, raadslid.
Artikel 1
De gemeenteraad bekrachtigt de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 7 juni 2023 houdende Wonen en Klimaat: erkenning energiehuis regio Izegem:
Besluit:
Artikel 1
Het voorstel om toe te werken naar een eigen erkenning als energiehuis voor de gemeenten die deel uitmaken van de Woondienst op basis van het scenario dat voorgesteld werd in de presentatie ‘Overleg wonen en klimaat 25 mei 2023’ wordt goedgekeurd.
Hiertoe zal een erkenningsaanvraag voorbereid worden om deze uiterlijk 1 oktober 2023 in te dienen bij het Vlaams Energie en Klimaat Agentschap met oog op opstart van het Energiehuis Regio Izegem op 1 januari 2024.
Voor de financiering wordt uitgegaan van scenario (2).
De werking van het nieuw erkend energiehuis zal vanuit de Woondienst Regio Izegem uitgebouwd worden.
Dit betekent dat de gemeente zich terugtrekt uit de beleidsgroep van het energiehuis WVI.
Deze beslissing wordt genomen onder voorbehoud van een positieve beslissing van de aanvraag tot erkenning van het Energiehuis Regio Izegem.
Artikel 2
De gemeente wenst per 1 januari 2024 uit de kostendelende vereniging ‘Intergemeentelijke dienst energie – WVI’ te treden, conform de bepalingen van de artikelen 11 en 13 van de samenwerkingsovereenkomst van deze vereniging.
Deze beslissing zal ter bekrachtiging voorgelegd worden aan de eerstvolgende gemeenteraad en wordt genomen onder voorbehoud van een positieve beslissing van de aanvraag tot erkenning van het Energiehuis Regio Izegem.
Artikel 3
Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de West-Vlaamse Intercommunale WVI en aan de Woondienst Regio Izegem.
Artikel 2
Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan de West-Vlaamse Intercommunale WVI en aan de Woondienst Regio Izegem.
E-mail van 8 juni 2023 van de stad Roeselare met de uitnodiging aan de lokale besturen van de regio Midwest om de nieuwe samenwerkingsovereenkomst tussen de lokale besturen en Roeselare inzake administratieve opvolging en afhandeling van de dossiers in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties goed te keuren.
De noodzakelijke actualisatie van de huidige wijze van samenwerken van de 5 deelnemende gemeenten binnen de politiezone Midow met de stad Roeselare, die dateert uit 2011.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, het laatst gewijzigd bij wet van 5 maart 2021 betreffende harmonisering van de procedure inzake verkeersovertredingen binnen het toepassingsgebied van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties.
Besluit van 1 september 2022 van de gemeenteraad houdende algemeen gemeentelijk politiereglement: algemeen en zonaal gedeelte: wijzigen.
Besluit van 1 september 2022 van de gemeenteraad houdende algemeen gemeentelijk politiereglement: lokaal gedeelte: hervaststellen.
De huidige manier van werken binnen de 5 gemeenten van de politiezone Midow in relatie met de stad Roeselare dateert uit 2011.
De politiezone Midow en het GAS-secretariaat van de stad Roeselare hebben deze manier van werken getoetst aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) of GDPR (General Data Protection Regulation) en aan de recente adviezen van het COC (https://www.controleorgaan.be/files/DIO22006_N_Publiek_00073096.pdf).
Daarenboven hebben de gemeenten elk voor zich tal van GAS-vaststellers aangesteld in kader van feiten volgens bijzondere strafrechtelijke bepalingen, die gehandhaafd worden door OVAM (sigarettenpeuken) en IVIO/IMOG (zwerfvuil, camera’s aan glasbollen,…).
Tenslotte wordt in deel 2 van het algemeen gemeentelijk politiereglement, lokaal deel, en in deel 3 van het algemeen gemeentelijk politiereglement, algemeen en zonaal deel, (straf- en slotbepalingen) bepaald dat inbreuken op het algemeen gemeentelijk politiereglement vastgesteld kunnen worden door GAS-ambtenaren en welke straffen/sancties opgelegd kunnen worden.
Hieruit volgt dat de vaststellingen verwerkt moeten worden door een GAS-secretariaat om te kunnen bemiddelen, te kunnen sanctioneren of te kunnen seponeren.
In de gegeven omstandigheden dringt een uniforme en gezamenlijke aanpak zich op.
De actualisatie van de samenwerkingsovereenkomst tussen de lokale besturen en de stad Roeselare dringt zich dan ook op, te meer omdat tal van problemen zich stellen:
De stad Roeselare wordt per dossier forfaitair gecompenseerd voor de geleverde personeelsinzet en de gemaakte werkingskosten.
Per e-mailbericht van 13 juni 2023 heeft het GAS-secretariaat van de stad Roeselare een concreet forfait voorgesteld voor de opvolging en afhandeling van GAS-dossiers en als compensatie voor de te gebruiken software:
Het aan te rekenen forfait kan derhalve nog aangepast worden en het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Oostrozebeke wordt gemachtigd dit voorstel al dan niet voorwaardelijk goed te keuren.
De vernieuwing en actualisatie van de samenwerkingsovereenkomst tussen de lokale besturen en de stad Roeselare wil tegemoetkomen aan deze problemen.
Eén en ander hebben de besturen van de deelnemende lokale besturen, het GAS-secretariaat van de stad Roeselare en de politiezone Midow op 26 mei 2023 besproken op een informeel overleg.
Toelichting van de heer Derudder, burgemeester.
niet van toepassing
niet van toepassing
Mevrouw Lefebre en de heer Vndenbroucke, raadsleden.
Artikel 1
De raad keurt de samenwerkingsovereenkomst tussen de lokale besturen en Roeselare inzake administratieve opvolging en afhandeling van de dossiers in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties goed met volgende bepalingen:
Samenwerkingsovereenkomst tussen de lokale besturen en de stad Roeselare inzake de administratieve opvolging en afhandeling van de dossiers in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties.
Tussen enerzijds
de gemeente Oostrozebeke,
vertegenwoordigd door mevrouw Anne-Sophie Verschoore, voorzitter van de gemeenteraad, en de heer Carl Vereecke, algemeen directeur.
Hierna de deelnemende gemeente genoemd.
en
de stad Roeselare,
vertegenwoordigd door de heer Piet Delrue, voorzitter van de gemeenteraad, en de heer Geert Sintobin, algemeen directeur.
Hierna beherende stad genoemd.
wordt overeengekomen wat volgt:
1. Doel van de samenwerking
Artikel 1.
De deelnemende gemeente gaat akkoord dat de administratieve personeelsleden van de beherende gemeente die instaan voor het verwerken van de GAS-dossiers, zullen worden ingezet voor de afhandeling van de administratieve procedure zoals bepaald in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties voor overtredingen vastgesteld in de deelnemende gemeente.
Elke sanctionerend ambtenaar van de beherende stad beantwoordt aan de door het Koninklijk Besluit van 21 december 2013 vastgestelde kwalificatie- en onafhankelijkheidsvoorwaarden, en handelt de dossiers overeenkomstig de bepalingen van de Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties af.
2. Inhoud van de samenwerking
Artikel 2
De administratieve personeelsleden van de beherende gemeente staan in voor het volledige beheer en de afhandeling vanµ
De vastgestelde inbreuken op de reglementen of verordeningen van de gemeente Meulebeke die uitsluitend het voorwerp kunnen uitmaken van een administratieve sanctie, de “klassieke overlastinbreuken” (GAS1, art 2§1 van de GAS-wet)
Die vastgestelde inbreuken op de reglementen of verordeningen van de gemeente Meulebeke die ook in het Strafwetboek zijn opgenomen, maar die ingevolge artikel 3.1° en 2° van de GAS-wet ook het voorwerp kunnen uitmaken van een administratieve sanctie, de zgn. “gemengde inbreuken” (GAS 2 en 3)
3. Gegevensuitwisseling en – bescherming
Artikel 3
§1. De beherende stad erkent dat zij verantwoordelijk is voor de verwerking van de persoonsgegevens in het kader van de ingevolge deze samenwerkingsovereenkomst uitbestede taken.
§2. De deelnemende gemeente geeft de beherende stad de opdracht en het mandaat om, in het kader van de ingevolge deze samenwerkingsovereenkomst uitbestede taken, voor haar rekening en als verwerker de nodige persoonsgegevens te verwerken.
§3. De beherende stad verbindt er zich toe om de gegevensverwerking als een goede huisvader te organiseren en de gegevens te beschermen conform de wettelijke bepalingen ter zake.
4. Financiering van de samenwerking
Artikel 4
De beherende stad wordt per dossier forfaitair gecompenseerd voor de geleverde personeelsinzet en de gemaakte werkingskosten.
De beherende stad zal een forfaitaire kost van 85 euro per opgestart dossier aanrekenen aan de deelnemende gemeente voor de personeelsinzet en werkingskosten van het Gassecretariaat en de sanctionerend ambtenaar, doch exclusief de kost voor de integratie van de GASsoftware (CEVI of Intouch) met de gemeentelijke boekhoudkundige pakketten.
De beherende stad kan de forfaitaire kost per opgestart dossier nog aanpassen voor elke deelnemende gemeente en het college van burgemeester en schepenen van de deelnemende gemeente wordt gemachtigd dit voorstel al dan niet voorwaardelijk goed te keuren.
5. Register van de gemeentelijke administratieve sancties
Artikel 5
De deelnemende gemeente verklaart zich akkoord dat de beherende stad een register van de gemeentelijke administratieve sancties voor haar gemeente zal bijhouden.
De deelnemende gemeente duidt de beherende stad aan als verantwoordelijke voor de verwerking van dit bestand.
6. Duur, wijziging en opzeg van de overeenkomst
Artikel 6
Deze overeenkomst geldt voor onbepaalde duur.
De overeenkomst kan op elk ogenblik worden gewijzigd, mits goedkeuring van de partijen.
Indien één van de deelnemende gemeenten de overeenkomst wenst te beëindigen, dan dient dit te gebeuren met aangetekende zending.
De beëindiging zal ingaan met onmiddellijke ingang met uitzondering van de nog lopende dossiers die afgewerkt dienen te worden tot en met de beslissing van de sanctionerende ambtenaar.
7. Slotbepalingen
Artikel 7
Deze overeenkomst neemt een aanvang na goedkeuring ervan door de gemeenteraden of schepencolleges van de betrokken gemeenten.
Door de goedkeuring van de nieuwe samenwerkingsovereenkomst tussen de lokale besturen en Roeselare inzake administratieve opvolging en afhandeling van de dossiers in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties worden alle vroegere afgesloten samenwerkingsovereenkomsten inzake administratieve opvolging en afhandeling van dossiers in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties buiten werking gesteld vanaf 6 juli 2023.
Artikel 8
De beherende stad wordt in kennis gesteld van het goedkeuringsbesluit van de deelnemende gemeente.
Opgemaakt in 3 exemplaren, waarvan één exemplaar voor elk der deelnemende gemeenten, te
Te Roeselare op (datum),
Goedgekeurd in de gemeenteraad van de gemeente Oostrozebeke op 6 juli 2023.
|
Voor de stad Roeselare |
|
|
Piet Delrue |
Geert Sintobin |
|
Voorzitter van de gemeenteraad |
Algemeen directeur |
|
Voor de gemeente Oostrozebeke |
|
|
Anne-Sophie Verschoore |
Carl Vereecke |
|
Voorzitter van de gemeenteraad |
Algemeen directeur |
Artikel 2
Door de goedkeuring van de nieuwe samenwerkingsovereenkomst tussen de lokale besturen en Roeselare inzake administratieve opvolging en afhandeling van de dossiers in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties worden alle vroegere afgesloten samenwerkingsovereenkomsten inzake administratieve opvolging en afhandeling van dossiers in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties buiten werking gesteld vanaf heden.
Artikel 3
De nieuwe samenwerkingsovereenkomst tussen de lokale besturen en Roeselare inzake administratieve opvolging en afhandeling van de dossiers in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties treedt in werking vanaf heden.
De werkdruk bij de afdeling Omgeving ten gevolge van de uitdiensttreding van de deskundige omgeving.
Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, inzonderheid artikel 9, het laatst gewijzigd bij decreet van 16 december 2022 betreffende programmadecreet bij de begroting 2023
Besluit van de Vlaamse regering van 27 november 2015, tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, inzonderheid artikels 143 tot en met 146, het laatst gewijzigd bij besluit van de Vlaamse regering van 20 januari 2023 tot wijziging van verschillende besluiten, wat betreft het opheffen van het onderscheid tussen woonzorgcentra en woonzorgcentra met een bijkomende erkenning ter uitvoering van het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord
Besluit van de gemeenteraad van 2 februari 2017 betreffende gemeentelijke omgevingsambtenaar: aanwijzen.
Op 20 november 2019 stelde het schepencollege een deskundige Omgeving (1 VTE, B-niveau) aan om de afdeling Omgeving, bestaande uit een omgevingsambtenaar (GOA, 1 VTE, A-niveau) en een administratief medewerker (0,8 VTE, C-niveau) te vervoegen.
De deskundige nam deels bepaalde taken op die op dat moment nog door de GOA uitgevoerd werden (beantwoorden vragen burgers, controle van omgevingsvergunningsaanvragen op volledigheid en ontvankelijkheid, voorbereiding verslagen GOA), evenals alle taken van de milieuambtenaar, voor zover deze laatste betrekking hadden op omgevingsvergunningen en aanverwante zaken zoals risicogronden.
De deskundige Omgeving trad uit dienst op 4 september 2022.
Ze werkte voorafgaand aan de uitdiensttreding deeltijds van 15 november 2021 tot 6 februari 2022, en was in zwangerschaps- en ouderschapsverlof vanaf februari 2022.
De functie als dusdanig werd niet opnieuw ingevuld, waarbij de taken herverdeeld werden binnen de dienst, op afroep bijgestaan door de WVI voor milieu-gerelateerde zaken (voorbereiding deel milieu verslag omgevingsvergunning, risicogronden) en vanaf 1 januari 2022 door Lowart BV voor het voorbereiden van de verslagen GOA, dit vanaf 1 januari 2022.
Lowart BV was eerder aangesteld als consultant binnen het departement Ruimte met ingang vanaf 1 juli 2020, de eerste keer voor een periode van 3 jaar en daarna jaarlijks verlengbaar.
Er werd intussen geprobeerd om de dienst structureel te versterken via tijdelijke aanwerving van een deeltijds administratief medewerker op C-niveau, maar dit bleek tot twee maal toe onsuccesvol.
De nood aan structurele ondersteuning van de dienst blijft evenwel bestaan, waarbij een efficiëntiewinst kan bekomen worden door het aanwijzen van Lowart BV (vertegenwoordigd door de heer Claudio Saelens) als tweede omgevingsambtenaar, gezien deze op die manier zelfstandig en volledig de verslagen GOA kan opmaken en ondertekenen, weliswaar nog steeds bijgestaan door de WVI voor milieu-gerelateerde handelingen.
Met andere woorden, hoewel afstemming met de huidige GOA nog steeds zal gebeuren, onder meer in het kader van uniformiteit en op de dienst aanwezige deskundigheid, hoeft deze laatste de door de Lowart BV behandelde omgevingsvergunningsdossiers niet langer volledig door te nemen om vervolgens het voorbereide verslag GOA na te zien, af te werken en te ondertekenen.
Gezien Claudio Saelens eerder (11 januari 2017) aanwezen werd als omgevingsambtenaar, en de wettelijke kwaliteitsvereisten voor de aanwijzing van een omgevingsambtenaar niet gewijzigd werden, voldoet hij aan de wettelijke eisen om opnieuw aangewezen te worden als omgevingsambtenaar.
Wegens zijn uitdiensttreding als ambtenaar (diensthoofd grondgebiedzaken en stedenbouwkundige) bij de de gemeente op 31 maart 2020 mag redelijkerwijze verondersteld worden dat de eerdere aanwijzing hierdoor minstens impliciet kwam te vervallen.
Daarom wordt Claudio Saelens (Lowart BV) met onderhavig besluit opnieuw aangewezen als gemeentelijk omgevingsambtenaar, waarbij hij 1 dag per week de dienst structureel zal bijstaan.
Zijn takenpakket zal bestaan uit het mee opmaken van de verslagen GOA, de aktename van milieumeldingen en, indien de tijd dit zou toelaten, uit het verder ondersteunen van de dienst (helpen beantwoorden van vragen van burgers, helpen bij de controle op volledigheid en ontvankelijkheid).
Toelichting door de heer Derudder, burgemeester.
De uitgave is voorzien onder actie 222 op budgetrekening 0600-00/6131002.
niet van toepassing
niet van toepassing
De raad gaat over tot de geheime stemming tijdens de publieke zitting.
19 stembrieven worden geregistreerd: 19 ja-stemmen.
Claudio Saelens bekomt 19 ja-stemmen.
Claudio Saelens heeft de volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen bekomen.
De raad gaat over tot de geheime stemming tijdens de publieke zitting.
19 stembrieven worden geregistreerd: 19 ja-stemmen.
Claudio Saelens bekomt 19 ja-stemmen.
Claudio Saelens heeft de volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen bekomen.
De heer Claudio Saelens (Lowart BV) wordt aangewezen als tweede omgevingsambtenaar.
De e-mail van raadslid Marleen Lefebre van 5 juli 2023 namens de fractie INSPRAAK.nu.
Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, het laatst gewijzigd bij decreet van 5 mei 2023 over de kwaliteit van zorg in het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Besluit van de gemeenteraad van 7 maart 2019 betreffende huishoudelijk reglement van de gemeenteraad, het laatst gewijzigd bij besluit van de gemeenteraad van 27 januari 2022, inzonderheid artikel 12.
De vragen van de raadsleden Marleen Lefebre, Koen Vandenbroucke, Wim Behaeghe en Davy Verhulst.
De antwoorden van Carine Geldhof, Jonas Van D'huynslager, schepenen en de burgemeester.
niet van toepassing
niet van toepassing
niet van toepassing
Er wordt geen besluit genomen.
De voorzitter brengt het overlijden van de heer Jacques Goemaere, schepen, op 8 juli 2022 in herinnering en nodigt alle leden van de raad om een herinneringskaartje te ondertekenen, die na ondertekening door de burgemeester aan mevrouw Goemaere zal worden overhandigd.
De voorzitter sluit de zitting op 06/07/2023 om 22:52.
Namens gemeenteraad,
Carl Vereecke
algemeen directeur
Anne-Sophie Verschoore
schepen-voorzitter